Eigeel is je beste vriend De meest voorkomende fout bij het bakken van bladerdeeg is het bestrijken met een heel ei. Hoewel dit vaak in recepten wordt aangeraden, zorgt eigeel alleen voor een veel mooiere, diepere kleur. Het eiwit maakt het deeg soms juist dof en minder glanzend.
Kluts je ei in een kommetje en leng het aan met een klein scheutje melk. Dat hoeft echt niet veel te zijn, een flinke slok om het te vergelijken. Dit mengsel geeft een mooie glans aan je baksels en voorkomt dat er zich vellen vormen op het oppervlak.
Je kunt een glazuurlaagje van eiwas (1 ei plus 1 theelepel water) over het bladerdeeg strijken voor een rijke, goudbruine glans tijdens het bakken . Gebruik eiwas om de gevulde bladerdeegstukjes te verzegelen en ze aan elkaar te plakken: meng 1 ei plus 1 theelepel water, bestrijk de stukken tussen de lagen en knijp of druk ze vervolgens samen.
Hoe kan dat? Bestrijk het bladerdeeg aan de bovenzijde met losgekopt ei, iets verdund met water voor het bakken. Of als een heel ei teveel is: koffiemelk verdund met een klein beetje water.
Vervang eigeel door sojamelk
Als je eigeel wilt gebruiken, bijvoorbeeld om je gebak mee te bestrijken, kan je het ei vervangen door sojamelk. Dit geeft je gebak een mooie bruine kleur en glans. In het gebak zelf kan je het beste een eierdooier vervangen door een kant-en-klare eivervanger.
Echt geen ei nodig. Smeer simpelweg een laagje sojamelk over de bovenkant! Andere plantaardige melk werkt minder goed, omdat hier minder eiwit in zit. Je kunt je baksel ook achteraf, na het afkoelen, bestrijken met een heel dun laagje jam (abrikozenjam werkt goed).
Voor een krokante bodem bak je het deeg blind voor. Dat doe je door een groot vel bakpapier over het deeg te leggen, en het wat over de randen uit te laten steken.
Bladerdeeg is het perfecte deeg om te vullen met lekkere (hartige) ingrediënten. Bijvoorbeeld met zalm en spinazie, ragout of gorgonzola.
Op een Amerikaanse blog las ik dat je de voorgebakken bodem meteen moet insmeren met een dun laagje eiwit. Je kunt de bodem dan eventueel nog enkele minuutjes in de oven zetten zodat het eiwit goed opdroogt. Het laagje gaat stollen en beschermt de bodem tegen de vochtige vulling, waardoor het deeg knapperig blijft.
Eigeel is je beste vriend
Het eiwit maakt het deeg soms juist dof en minder glanzend. Klop een eigeel los met een klein scheutje water of melk voor een gelijkmatige laag en bestrijk het deeg vlak voordat het de oven in gaat.
Als ei in een deeg zit zal dit dus ook gaan stollen en daardoor stevigheid aan het deeg geven. Voeg je te veel ei toe dan zal het deeg er niet beter op worden, wat vaak wel gedacht wordt. Daarom is het volgen van een recept erg belangrijk. De hoeveelheid van een ingrediënt heeft een duidelijke rol in het bakproces.
Je mag zelf kiezen! Beide kanten zijn gelijk! Maakt niet uit, is gelijk welke kant je gebruikt.
Wanneer u bakt met bladerdeeg, wordt het vaak afgestreken met een eitje. Sommigen gebruiken hiervoor melk bijvoorbeeld. Om zo'n mooi mogelijke kleur te krijgen, is het beste om alleen eigeel te gebruiken. Dit zorgt juist voor die goudbruine kleur.
Gaatjes prikken: Prik met een vork gaatjes in de bodem van het deeg. Dit zorgt ervoor dat er geen luchtbellen ontstaan die de bodem kunnen laten opbollen. Bakpapier en steunvulling: Leg een vel bakpapier op de bodem en vul de vorm met steunvulling zoals bakbonen, gedroogde peulvruchten of rijst.
Om een extra krokante korst te krijgen, kun je de bovenkant van je appeltaart bestrijken met een mengsel van losgeklopt ei en een beetje suiker voordat de taart de oven in gaat. Dit zorgt voor een mooie glans en een knapperige textuur.
Genoeg recepten vragen erom dat je het deeg bestrijkt met ei, voordat het in de oven gaat. Of dat nou een bladerdeeggalette, een worstenbroodje of een Marokkaanse M'Hencha is, het principe is altijd hetzelfde. Het losgeklopte ei zorgt voor een mooi korstje wanneer het gebak uit de oven komt.
Eén ei kun je vervangen door 50 gram appelmoes of een halve, liefst goed rijpe, gepureerde banaan. In hartige gerechten kun je in plaats van één ei 50 gram tomatenpuree, aardappelpuree of pompoenpuree gebruiken, maar ook 2 eetlepels maïzena, aardappelzetmeel of kikkererwtenmeel gemengd met 2 eetlepels water.
Bak je bladerdeeghapjes dan al in de oven. Laat ze afkoelen op een rooster en bewaar ze afgedekt met aluminiumfolie. Ze zullen een beetje minder knapperig worden, maar als je ze vlak voor het serveren zo'n 5 minuten in een oven van 200°C stopt, komt het echt goed.
prik in het plakje bladerdeeg gaatjes met een vork voordat je de vulling er op legt. strooi wat paneermeel op de bodem, bijvoorbeeld alsje een hartige of zoete taart bakt. je kunt het bladerdeeg het beste onder in de oven bakken.
Rond voorgemaakt bladerdeeg zit meestal al een vel bakpapier, dat kan je perfect gebruiken. Leg daarop je bladerdeeg, als je teveel deeg hebt, duw je dat terug naar binnen, tegen de rechtopstaande rand.
Issa snijdt een nectarine in grove stukken, omhult het fruit met een plak bladerdeeg – op een snel tempo, anders smelt de boter – en strooit er een heel klein beetje suiker overheen: 'suiker maakt het sap van het fruit los, en de basterdsuiker bovenop het deeg zorgt voor glans.
Op welke temperatuur bak je bladerdeeg in de oven? Bladerdeeg moet redelijk heet gebakken worden. De beste oventemperatuur is tussen de 180 °C en 220 °C, maar dat is natuurlijk ook afhankelijk van het recept en jouw oven.
Het bladerdeeg kan door de natte vulling dan niet gaar worden. Door gaatjes te prikken en wat paneermeel op de bodem te strooien, lukt het garingsproces beter.