Deeg kneden Kneden kan met de hand of met een machine. Dat duurt circa 10 á 15 minuten. Wanneer het deeg goed gekneed is, moet er een VLIESJE getrokken kunnen worden met het deeg. Maar dat gaat helaas niet met alle meelsoorten even goed.
Vliesje trekken
Door regelmatig tijdens het kneden een vliesje te trekken, een techniek waarbij je de glutenontwikkeling kan beoordelen, kan je er achter komen of je voldoende gekneed hebt. Als het vliesje niet dunner wordt dan de vorige keer, dan weet je dat je het maximum hebt bereikt en kan het de eerste rijs in.
Een veilige test om te controleren hoe goed de gluten ontwikkeld zijn, is de raamtest. Neem een klein stukje deeg en rek het voorzichtig tussen je vingers uit tot het dun en doorzichtig is. Als je er gemakkelijk licht doorheen kunt zien (zoals een raam), dan is het geslaagd voor de test en is het goed gekneed.
Ga je voor gemak, gebruik dan een keukenmachine met een deeghaak. Kneed maximaal 4 minuten op de laagste stand. Pas op dat je deeg met een keukenmachine niet overkneed, want dan rijst het niet goed en wordt het brood minder luchtig. Vorm een bal van het deeg en leg die in een heel licht met olie ingevette kom.
Het rijzen van brooddeeg is een cruciale stap, vooral de tweede rijzing. Je wilt het deeg zo laten rijzen dat de gist nog voldoende energie heeft om in de oven te werken en een mooi, luchtig witbrood te krijgen.
Gist is een micro-organisme dat suiker omzet in alcohol en koolzuurgas. Dat gas zorgt ervoor dat een brooddeeg gaat rijzen, luchtiger wordt en in volume toeneemt. Tijdens het bakken van het brood vervliegt de alcohol, maar het resultaat is een luchtig brood. Daarnaast werkt gist ook als smaakversterker.
Als het deeg zwaar en moeilijk te hanteren is wanneer u de mixer uitzet , is dat een teken dat het te veel gekneed wordt.
Meng alles losjes door elkaar en zet 8 uur afgedekt weg in de koelkast van maximaal 7°C. Laat daarna nog 3 uur op kamertemperatuur komen in de kom en behandel het deeg verder volgens bovenstaand schema. Je zult een heerlijk luchtig brood met grote gaten gaan bakken!
Zolang je de gluten goed hebt ontwikkeld tijdens de eerste kneedbeurt, vóór de eerste rijzing, hoef je het deeg niet nog een keer te kneden (haha) . Je kunt het voorzichtig platdrukken, of zachtjes kneden (wees niet ruw, vouw het gewoon een beetje), na de eerste rijzing en vóór de tweede rijzing (als je deeg een tweede rijzing nodig heeft).
Het tweede kneden wordt vaak 'terugslaan' genoemd. Voor broden dient het meestal om luchtbellen door het deeg te herverdelen voor een meer egale textuur. Een van de redenen dat je deze stap in sommige rustieke broden overslaat.
Glad deeg – Het deeg begint als een ruwe, klonterige massa en wordt geleidelijk gladder tijdens het kneden. Tegen de tijd dat je klaar bent, zou het volledig glad en licht plakkerig moeten zijn.
Licht plakkerig
Het deeg plakt lichtjes aan je vingers, maar laat relatief gemakkelijk los. Dit geeft aan dat het deeg voldoende vocht bevat en toch hanteerbaar blijft.
"Geef je een deeg wat meer tijd om te rijzen en zichzelf te ontwikkelen, dan hoef je maar kort te kneden. Eigenlijk is dan het mengen van de ingrediënten voldoende." Wanneer een deeg te lang gekneed wordt, kan het meel in het deeg gaan oxideren, licht Niemeijer toe. "Zeker als je een keukenmachine gebruikt.
Een keukenmachine is de perfecte kneedmachine voor brood. De kneedhaak doet namelijk al het zware werk voor je en zorgt voor een perfect resultaat, zonder dat het jou ook maar enige moeite kost! De keukenmachine zorgt namelijk voor een gelijkmatige kneding, waardoor het deeg een perfecte textuur krijgt.
Laat u het brood te lang rijzen, dan smaakt uw brood minder lekker en is de kans groot dat het instort of juist te veel lucht bevat.
De rol van hydratatie bij het bakken van luchtig brood
Wilt u een luchtig brood, dan raden wij u een gemiddelde hydratatie (60–70%) aan: bij een hoeveelheid van 1000 gram bloem kiest u dus voor 600/700 gram water. Daarmee krijgt u een goed verwerkbaar deeg en brood met een mooie, open kruim.
Laat uw brood altijd volledig afkoelen na het bakken. Bewaar het daarna op een koele, droge plek. Leg het niet in de koelkast, want daarin droogt uw brood sneller uit. Kies voor een ademende verpakking, zoals een linnen zak, een katoenen theedoek of een houten broodtrommel.
Inzakken tijdens het bakken gebeurt meestal doordat het brood te snel rijst in de oven (de zogenaamde ovenrijs) terwijl het nog niet genoeg structuur heeft om die vorm vast te houden. Het resultaat: het brood stort halverwege het bakproces in.
Als je te veel gist aan je deeg hebt toegevoegd, zal het deeg rijzen voordat de glutenstructuur goed en wel ontstaan is. Als dit gebeurt, zie je waarschijnlijk grote gaten in het kruim en een kruim die in veel gevallen afbrokkelt. De hoeveelheid gist wordt uitgedrukt in een percentage van het bloem- en meelgewicht.
Antwoord van de bieb: Het meeste brood blijft tegenwoordig langer vers dan vroeger, door allerlei toevoegingen. (Echt) bruinbrood blijft langer vers dan witbrood. Dat komt door de tarwe, deze slorpt vocht op en houdt het brood daardoor langer vers.
Activeer de hoeveelheid desem dat je voor het recept nodig hebt. Voorbeeld: voor een recept heb je 25% actief desem nodig. Dus voor een recept met 500 gram meel heb je dus 125 gram desem nodig. Wanneer je bijvoorbeeld 40 gram desem in je koelkast hebt dan activeer je dat met 80 gram water en 80 gram meel of bloem.
Het is dus nu simpel uit te rekenen als u bijv. 500 gram meel heeft en er moet 50% water in, dan is dat 250 ml. Meelgewicht / 100, die uitkomst (Meelgewicht / 100) X het aantal procenten = ml water wat moet worden toegevoegd. 500 (Gram) / 100 = 5 (Gram), 5 (Gram) X 55 (%) = 275 ml water moet worden toegevoegd.
Voeg je te weinig gist toe, dan zal je brood niet rijzen. Zit er te veel gist in, dan rijst je deeg te snel. De meeste recepten laten het deeg ongeveer 45 minuten rijzen of verdubbelen in volume. Stop ter controle je vinger in het deeg.