Als de temperatuur van de aardappel onder de 4 graden komt, gaat het zetmeel in de aardappelen aardappel versuikeren, hierdoor gaat hij zoet smaken. Inwendig komen er zwarte plekken. Daarom is het belangrijk dat u de aardappel nooit met vorst in een ongeïsoleerde ruimte moet laten.
Niet overdag, elke straal zon doet ze goed. Houd het weerbericht in jouw omgeving in de gaten en leg de bescherming vast klaar. Een MM muts, handdoek, laken, dekbedovertrek, gordijn of offer die trui op die je toch niet meer draagt. Verzin iets en wees voorbereid, aardappels kunnen niet tegen temperaturen onder nul.
Rauwe aardappelen vriezen niet. Ze worden helemaal grijs en vies. Voor gekookte aardappelen (in verschillende vormen) vriezen wel goed. Zelfgemaakte diepvries-gebraden aardappelen kunnen worden gemaakt door ze te voorkoken, in vet te coaten, te bevriezen en dan op de dag zelf in de oven af te maken.
Plaats ze op een koele, donkere, goed verluchte en droge plaats (bvb. een kelder of berging), tussen 7 en 10°C is ideaal. Heb je geen koele kelder of berging, dan kan de koelkast (de groentelade) een alternatief zijn. Het wordt aangeraden om aardappelen niet langer dan 2 weken te bewaren in de koelkast.
Vaak gebeurt dat in het voorjaar en afhankelijk van het aardappelras is bepaald hoe lang deze onder de grond blijven. Vroege rassen hebben een groeiperiode van 90 – 100 dagen, waar dat bij late aardappelen minimaal 150 dagen is. Hoe langer een aardappel onder de grond blijft, hoe beter deze beschermd is.
'Oogst na de herfstvakantie'
"Over het algemeen is het wel zo dat aardappelen in september en oktober meer stikstof opnemen dan het vanggewas. Je kunt ze dus beter oogsten op het moment dat ze daar echt aan toe zijn, dus rond de herfstvakantie." 1 oktober zou dus ook voor stikstofopname een te vroege datum zijn.
Let wel op met aardappelen kweken in de winter. Want een periode met stevige vorst doodt al je aardappelpoten. Bescherm je planten met stro of kweek je planten in een kweekzak of plantenbak op een tafel in een serre.
Je kunt aardappelen het beste bewaren tussen de 8 en 10°C en op een droge plek, aangezien te veel vocht uitlopers en schimmels veroorzaakt. Kies dus voor een plek waar geen daglicht komt en droog en goed geventileerd is. Leg ze dan niet naast de uien, want aardappel zullen hierdoor aan kwaliteit verliezen.
De ideale bewaartemperatuur ligt namelijk tussen 4 en 10 graden. Maar omdat niet iedereen een kelder heeft, kun je ze ook in de schuur zetten. Bewaar je ze in de keukenkast, of in de buurt van de verwarming en dus op kamertemperatuur dan gaan de aardappelen snel achteruit.
Houten boxen waarin je behandelde aardappelen bewaarde gooi je dus beter weg. Professioneel is er al geëxperimenteerd met alternatieven zoals muntolie en ethyleen. Die zijn niet voor de particulier beschikbaar. De boer en handelaar bewaren aardappelen vooral koel, luchtig en donker, en dat doe je best ook.
Gedane proeven hebben bovendien bewezen, dat het niet noodig is. In verband hiermede volrfen hier eenige raadgevingen: Bevroren aardappelen worden pas soet en daardoor oneetbaar, als men ze laat ontdooien voor het koken.
Don'ts: dit kun je beter niet invriezen. Rauwe aardappelen invriezen is geen goed idee, ze veranderen namelijk compleet van karakter. De grote hoeveelheid vocht in de aardappel vormen zich tot ijskristallen die de cellen kapot maken. Dit zorgt ervoor dat ze na het ontdooien papperig en waterig worden.
"Bevroren aardappelen hebben een zoetige smaak. Je kunt die kwijtraken door ze een dag voor het koken in koud water te leggen en in een koud vertrek te zetten".
Als de geoogste producten na het rooien droog en afgekoeld zijn tot beneden de 10°C dek je deze af met vliesdoek. Vliesdoek biedt geen bescherming tegen vorst. Hiervoor kun je aanvullende afdekmaterialen aanschaffen. Let op, Agrifirm vliesdoek van 15,75x25m is niet geschikt om aardappelen mee af te dekken.
De regels zijn bedoeld voor het verbeteren van de waterkwaliteit, een belofte die de Nederlandse regering op Europees niveau heeft gedaan. Boeren die aardappels hebben geoogst, moeten tijdig gewassen planten die een deel van de overgebleven meststoffen uit de grond halen, zodat ze niet in het water terechtkomen.
Aardappelen bewaren doe je daarom best op een koele (tussen 2 en 10 °C), donkere, droge en goed verluchte plaats (bv. kelder (kast)) in een geperforeerde papieren zak, een net of een open mand. Schud ze af en toe om. Bewaar aardappelen nooit in de koelkast.
Om uitlopers zo lang mogelijk te voorkomen kun je ze best op een koele, donkere en droge plaats bewaren.
Je kunt de aardappels ook in de grond laten zitten, ondergronds blijven ze namelijk best goed.
Bewaartip voor dit product Bewaar aardappelen bij voorkeur op een droge, donkere en koele plek. Snijd groene plekken op aardappelen ruim weg. Als aardappelen te warm worden bewaard gaan ze uitlopen. De aardappels kun je nog eten als je de uitlopers verwijdert en het plekje eraf snijdt.
Bewaar je aardappelen op een koele, donkere en vorstvrije plek. Ideaal is een temperatuur tussen 4 en 8 °C. Zorg dat je aardappelen droog blijven. Vocht versnelt het kiemproces en kan rot veroorzaken.
Traditioneel werden aardappelen als wintervoorraad in een bult (kuil) opgeslagen op het land. De aardappels werden met riet of stro en aarde afgedekt. Ook aardappelkelders waren in gebruik. Later kwamen er speciale aardappelschuren met klimaatcontrole.
Als de temperatuur van de aardappel onder de 4 graden komt, gaat het zetmeel in de aardappelen aardappel versuikeren, hierdoor gaat hij zoet smaken. Inwendig komen er zwarte plekken. Daarom is het belangrijk dat u de aardappel nooit met vorst in een ongeïsoleerde ruimte moet laten.
Aardappelen hebben twee grote vijanden: warmte en vocht. Het is dus zaak om ze op een koele (tussen 4°C en 10°C) en droge plek te bewaren. Kies ook voor een donkere plaats zoals een kelder of keukenkast: op een te lichte plaats kunnen ze groen worden en de schadelijke stof solanine ontwikkelen.
Kweek je eigen aardappelen
De beste manier om ze zelf te kweken is door pootaardappelen te kopen en deze voor te kiemen. Je zou ook een aardappel uit de supermarkt kunnen gebruiken maar deze zijn meestal behandeld met een product waardoor ze niet snel kiemen en dus ook geen grote plant zullen geven.