Nadat je jouw aardappelen gepoot hebt, is het belangrijk om deze te bemesten. Voor je aardappelteelt volstaat een flinke bemesting met verteerde stalmest of met compost. Vervolgens moet je er voor zorgen dat je grond rijk is aan kalium (kali of tuinpotas) en magnesium (kieseriet).
Aardappelen verkiezen een bodem met een lage pH-waarde, 5 à 6 is voldoende. Een bodemverbeteraar, zoals Horta Koemest of Horta Universele Bodemverbeteraar, geeft je aardappelplanten een goede start. Kalium voorkomt glazigheid en zorgt later voor een betere bewaring.
Je kan je aardappelen een kick-start geven met een organische grondverbetering met gedroogde koemest of bodemverbeteraar. Kalium voorkomt dan weer glazigheid en zorgt later voor een betere bewaring.
Standplaats, bodem en bemesting
Het is belangrijk dat de grond vocht vasthoudt, maar goed waterdoorlatend is. Uien verdragen geen verse mest of halfverteerde compost, dit trekt de wortelvlieg aan. Bij lichtere gronden strooi je best wat patent of Vinassekali (40 gr/m) om de grond van genoeg kalium te voorzien.
De kippenmest wordt straks in het voorjaar uitgereden op het perceel waar de fritesaardappelen komen te groeien. In de kippenmest zit o.a. veel organische stof, stikstof, kalium en fosfaat. Goed om de aardappelen op te laten groeien.
Om aardappelen succesvol te kweken, is het belangrijk een geschikte plek te kiezen. Aardappelen groeien het best op een zonnige plaats in de tuin en gedijen goed op de meeste grondtypes, maar hebben een voorkeur voor lichtzure grond met een pH-waarde tussen 5 en 6, die goed gedraineerd is.
Koemestkorrels zijn het beste als je een langzame, gelijkmatige voeding wilt voor je planten en de bodemstructuur wilt verbeteren. Kippenmestkorrels zijn ideaal voor het vroeg in het seizoen, vooral als je snel resultaat wilt voor snelgroeiende planten of groenten die veel voeding nodig hebben.
Voor of rond de bolling kan in de uien een overbemesting met stikstof en kali worden gegeven. Voor een optimale opbrengst kunt u uw uien bemesten tot 120 à 150 kg N per hectare (=totaal voor het seizoen).
Verse paardenmest zit daardoor boordevol onkruidzaden en is dus niet aan te bevelen voor de sier- of moestuin. Door paardenmest echter te composteren wordt dit probleem opgelost. Door de warmte die vrijkomt bij het composteren worden de zaden onschadelijk gemaakt.
Het opkweken uit plantuien is de makkelijkste en snelste manier om (grote) uien te kweken. Maak dan met een pootstok of iets dergelijks gaten in de grond. Je kunt de plantuien dan ongeveer 5-6 centimeter diep planten. Dieper mag ook maar het duurt dan net iets langer voor ze boven komen.
Calcium is van doorslaggevende betekenis voor de celdeling en de celgroei en daarmee een belangrijke voedingsstof voor en tijdens de intensieve groeifasen van de knollen. Daarnaast helpt het de planten zich aan te passen aan stresssituaties, doordat het inwerkt op de kettingreactie van signalen.
'Oogst na de herfstvakantie'
"Over het algemeen is het wel zo dat aardappelen in september en oktober meer stikstof opnemen dan het vanggewas. Je kunt ze dus beter oogsten op het moment dat ze daar echt aan toe zijn, dus rond de herfstvakantie." 1 oktober zou dus ook voor stikstofopname een te vroege datum zijn.
De plant zal eerst een gezonde en sterke plant moeten worden om voedingsstoffen op te kunnen nemen voor de ontwikkeling en groei van aardappelen. En daarom bedekken we de grond in de winter met paardenmest met veel stro erin. In het voorjaar schuiven we dat opzij en voegen compost toe.
Als voorbeeld: voor een kilo aardappelen krijgt de boer tussen de 3 en 20 cent. De kostprijs ligt tussen 12 en 18 cent per kilo. In de supermarkt betaalt de consument grif tussen de €0,50 en €2,00 voor een kilo aardappelen, ook als die niet geschild en voorgekookt maar onbewerkt zijn.
Frieslander aardappelen zijn kruimige, lichtgele, ovalen aardappelen met vlakke ogen. De schil is mooi egaal. Na het koken wordt Frieslanders lekker kruimig en vol van smaak. Deze zeer vroege aardappel wordt geoogst vanaf eind mei en is jaarrond verkrijgbaar.
Zo zorg je voor extra bescherming. Het aanaarden herhaal je het beste nog een tweetal keren, telkens na 3 à 4 weken. Tijdens het aanaarden doe je er goed aan om ook meteen een kaliumrijke voeding toe te dienen. DCM Meststof Aardappelen is een puur organische voeding met een hoog kaliumgehalte.
Groenten zoals tomaten, paprika's en komkommers houden niet van paardenmest. Het hoge stikstofgehalte van verse mest kan plantenstengels en wortels verbranden, vooral bij tere planten zoals sla en radijsjes. Wortelgroenten zoals aardappelen en wortelen zijn hier bijzonder gevoelig voor.
Als je koemest koopt, is dit meestal vermengd met stro; paardenmest kan gemengd zijn met stro, houtkrullen, vlas of zaagsel. Paardenmest is een warmere meststof dan koemest: er wordt bij de vertering van de meststof veel warmte afgegeven.
Een goed gebruik van mest in de tuin kan uw planten van voedingsstoffen voorzien en de bodemstructuur verbeteren. Te veel mest kan leiden tot nitraatuitspoeling, afspoeling van voedingsstoffen, overmatige vegetatieve groei en, bij sommige soorten mest, tot zoutschade .
Zaaiuien lijken op dierlijke mest op zijn minst net zo goed te groeien als op kunstmest. Dat is de conclusie van veldproeven in 2020 en 2022 van Delphy, LTO Noord en Cumela op dalgronden in Drenthe.
Onder andere voor aardappels, asperges, appels, sla en uien is het belang van calcium aangetoond. Daarnaast zorgt calcium voor een goede bodemstructuur en een lagere slempgevoeligheid van de grond.
Door uien naast wortels te planten, worden de wortelvliegen misleid door de geur van de uien, waardoor ze de wortels niet zullen aantasten.
Welke planten kunnen beter geen koemest gebruiken? Koemest is zeer geschikt voor veel soorten planten, maar er zijn enkele uitzonderingen. Planten die een arme of zure bodem zoeken, zoals cactussen, heide en vetplanten, of kruiden als lavendel en rozemarijn, krijgen liever een andere meststof dan koemestkorrels.
Koemestkorrels worden vaak gebruikt als bodemverbeteraar of in combinatie met andere meststoffen. Hoewel koemestkorrels bekend zijn bij mensen met een gazon, zijn ze ook uitstekend voor je moestuin. Je strooit ze over de grond in je moestuin en harkt ze eventueel licht in. Dit doe je dan zo'n twee à drie keer per jaar.
Koemest is een van de meest gebruikte meststoffen in Nederland. Deze voeding komt gedroogd en geperst in een korrelvorm; vrij van onkruiden, ongedierte en ziektekiemen. Hierdoor zijn ze makkelijk strooibaar over het gazon. De mestkorrels zijn nagenoeg geurloos.