Plant de aardappelen in rijen. Zorg voor voldoende afstand tussen de rijen (± 70 cm), zo kan je je aardappelplanten achteraf gemakkelijker aanaarden. Maak plantgaten van zo'n 5 cm diep. In lichte grond (zandgrond) mogen ze zelfs iets dieper zijn (tot 10 cm). Respecteer een afstand van 30 tot 50 cm tussen de plantgaten.
Plant vroege aardappelen en slasoorten 10-15 cm diep en 30 cm uit elkaar, met 60 cm tussen de rijen . Aardappelen van de hoofdoogst hebben meer ruimte nodig om een behoorlijke oogst te produceren. Plant ze 40 cm uit elkaar, met 75 cm tussen de rijen. Plant de aardappelen met de scheuten (of 'ogen') naar boven.
Ik heb even opgezocht wat de slechte buren van aardappelen zijn volgens de veel op elkaar lijkende lijsten: slechte buren zijn tomaten, tijm, courgette, komkommer, kamille, framboos, pompoen, selderij, ui, rozemarijn, munt, zonnebloem, melde en worteltjes.
Plant de aardappelen in rijen.
Voorzie voldoende afstand tussen de rijen (± 70 cm), zo kan je je aardappelplanten achteraf gemakkelijker aanaarden. Maak plantgaten van zo'n 5 cm diep. In lichte grond (zandgrond) mogen ze zelfs iets dieper zijn (tot 10 cm). Respecteer een afstand van 30 tot 50 cm tussen de plantgaten.
'Oogst na de herfstvakantie'
"Over het algemeen is het wel zo dat aardappelen in september en oktober meer stikstof opnemen dan het vanggewas. Je kunt ze dus beter oogsten op het moment dat ze daar echt aan toe zijn, dus rond de herfstvakantie." 1 oktober zou dus ook voor stikstofopname een te vroege datum zijn.
Stap 4: Aardappelen aanaarden
Je planten gaan nu beginnen groeien. Van tijd tot tijd voeg je extra aarde toe om je aardappelen te bedekken. Dit noemt men “aanaarden.” Zodra de stengels 15 cm boven de grond uitkomen hoog je de rijen op met aarde.
Voor je aardappelteelt volstaat een flinke bemesting met verteerde stalmest of met compost. Vervolgens moet je er voor zorgen dat je grond rijk is aan kalium (kali of tuinpotas) en magnesium (kieseriet). De kalium zorgt voor een betere vruchtvorming en de magnesium voor een mooier en sterkere loof.
Aardappelen poten
Bij het kweken van aardappelen gebruik je het beste pootaardappelen. Deze zijn gekweekt om er opnieuw aardappelen uit te laten groeien. De aardappelen uit de winkel kun je beter niet gebruiken, die zijn namelijk gekweekt voor consumptie en de kans dat de opbrengst klein zal zijn is een stuk groter.
Bij de vroege aardappelen mag je al tevreden zijn met een oogst van 900 gram per plant, terwijl de late variëteiten tot 2,5 kg per plant kunnen voortbrengen. Hou dus rekening met welke pootaardappelen je aankoopt.
Wat dat precies betekent? Als je eerst aardappelen hebt geplant, dan plant je daarna het beste peulgewassen en dat jaar daarna koolgewassen. Plant je eerst vruchtgewassen, dan kun je daarna het beste wortelgewassen planten, gevolgd door aardappelgewassen.
Als voorbeeld: voor een kilo aardappelen krijgt de boer tussen de 3 en 20 cent. De kostprijs ligt tussen 12 en 18 cent per kilo. In de supermarkt betaalt de consument grif tussen de €0,50 en €2,00 voor een kilo aardappelen, ook als die niet geschild en voorgekookt maar onbewerkt zijn.
De regels zijn bedoeld voor het verbeteren van de waterkwaliteit, een belofte die de Nederlandse regering op Europees niveau heeft gedaan. Boeren die aardappels hebben geoogst, moeten tijdig gewassen planten die een deel van de overgebleven meststoffen uit de grond halen, zodat ze niet in het water terechtkomen.
Of je nu in een kweekzak, emmer of pot plant, vul de container niet meer dan ongeveer 1/3 met aarde. Zodra je de stengels van de aardappelbladeren boven de grondlijn ziet uitsteken , kun je de aardappelen aanaarden door meer aarde in de container te doen, waarbij alleen de bovenkant van de bladeren zichtbaar blijft, zoals te zien is op deze foto.
Als de geoogste producten na het rooien droog en afgekoeld zijn tot beneden de 10°C dek je deze af met vliesdoek. Vliesdoek biedt geen bescherming tegen vorst. Hiervoor kun je aanvullende afdekmaterialen aanschaffen. Let op, Agrifirm vliesdoek van 15,75x25m is niet geschikt om aardappelen mee af te dekken.
De bodem in het noorden van Nederland is bijzonder geschikt voor het verbouwen van pootaardappelen. Boeren kopen deze van de producenten om aardappelen voor consumptie te telen. Zowel producenten als boeren zouden graag de kiemkracht, de vitaliteit, van de pootaardappelen willen weten voordat ze geplant worden.
Na een paar maanden zijn de aardappelen klaar om geoogst te worden. Eind april geplante knollen kunnen al in juni geoogst worden, terwijl late soorten pas in september of oktober rijp zijn. Een duidelijk teken dat geoogst kan worden, is wanneer het loof geel of bruin en verdord is.
Ja hoor eet ze gerust, maar snij de uitlopers wel ruim uit. Dan voorkom je dat je solanine binnenkrijgt. Op plaatsen waar uitlopers groeien, zit namelijk de natuurlijke gifstof solanine. Solanine ontstaat onder invloed van licht in de schil en uitlopers van aardappelen.
Vroege en late. De vroege aardappels kun je poten in de maand april, de late kun je het beste in de maand mei mee beginnen. De vroege aardappels zijn gevoeliger voor ziektes, maar omdat je ze relatief vroeg rooit, voorkom je dat ze hiermee in aanraking komen.
Afrikaantjes zijn niet alleen mooi, maar ook zeer nuttig in de moestuin. Deze moestuinbloemen stoten namelijk een geur af die schadelijke insecten zoals engerlingen en mieren) en knaagdieren afschrikt, maar slakken aantrekt. Hierdoor worden ze vaak langs moestuinen geplant om slakken weg te lokken van andere gewassen.
Peper, paprika, aubergine, prei, tuinbonen en sugarsnaps (doperwten kan ook), peultjes en tuinboon. Qua bloemen start ik nu met korenbloem, ridderspoor, leeuwenbekjes en zonnehoed. Ook die zaai ik binnen voor. In de volle grond zaaien in februari kan met vroege spinazie, maar doe dat alleen als het niet vriest.
Voorjaarsbloeiende bollen kun je het beste planten vanaf september tot december, het liefst voor de eerste nachtvorst. Zomerbloeiende bollen kun je het beste vanaf het voorjaar planten, zodra de kans op nachtvorst voorbij is tot en met eind mei.