Leg jouw aardappelen (en andere groenten) in de bak. Als deksel volstaat in principe een plank of tegel. Dek niet luchtdicht af: zo ontsnapt er ook vocht. Bij strenge vorst leg je nog extra stro of doeken op het deksel.
September en oktober zijn de voornaamste oogstmaanden voor de bewaaraardappelen. De geoogste aardappelen gaan direct een geventileerde schuur in. In het donker en bij een temperatuur van 7°C kunnen de meeste aardappelen tot een jaar worden bewaard (bv.
Aardappelen moeten op een koele, droge en donkere plaats bewaard worden. Ze mogen niet aan licht worden blootgesteld, anders worden ze groen en oneetbaar. Er moet ook een goede luchtcirculatie zijn. Een kelder, mits deze niet vochtig is, of een schuur is ideaal.
Bewaartip voor dit product Bewaar aardappelen bij voorkeur op een droge, donkere en koele plek. Snijd groene plekken op aardappelen ruim weg.
Bewaar je aardappelen op een koele, donkere en vorstvrije plek. Ideaal is een temperatuur tussen 4 en 8 °C. Zorg dat je aardappelen droog blijven. Vocht versnelt het kiemproces en kan rot veroorzaken.
Om de aardappelen (deels) kiemvrij te houden, kan je tijdens het groeiseizoen maleïnehydrazide of MH (Fazor, Itcan, Crown, Himalaya, Magna) toepassen. Zo komen de aardappelen na de oogst minder kiemlustig de schuur in.
Je kunt voorkomen dat je aardappelen gaan kiemen door ze op een koele (niet koude, zoals je koelkast) en donkere plek te bewaren . Als je geen donkere plek hebt om je aardappelen te bewaren, kun je ze in een papieren zak doen om het licht te filteren.
'Oogst na de herfstvakantie'
"Over het algemeen is het wel zo dat aardappelen in september en oktober meer stikstof opnemen dan het vanggewas. Je kunt ze dus beter oogsten op het moment dat ze daar echt aan toe zijn, dus rond de herfstvakantie." 1 oktober zou dus ook voor stikstofopname een te vroege datum zijn.
Het belangrijkste is dat u aardappelen op een koele, droge plek bewaart, bijvoorbeeld in een voorraadkast, papieren zak of kartonnen doos .
Houten boxen waarin je behandelde aardappelen bewaarde gooi je dus beter weg. Professioneel is er al geëxperimenteerd met alternatieven zoals muntolie en ethyleen. Die zijn niet voor de particulier beschikbaar. De boer en handelaar bewaren aardappelen vooral koel, luchtig en donker, en dat doe je best ook.
Was je aardappelen nooit voordat je ze opbergt. Als de grond vochtig is wanneer je ze opgraaft, spreid ze dan uit zodat ze buiten in de schaduw kunnen drogen. Onze nazomer was erg droog, dus de mijne konden direct vanuit de grond in de opslag.
Plaats ze op een koele, donkere, goed verluchte en droge plaats (bvb. een kelder of berging), tussen 7 en 10°C is ideaal. Heb je geen koele kelder of berging, dan kan de koelkast (de groentelade) een alternatief zijn. Het wordt aangeraden om aardappelen niet langer dan 2 weken te bewaren in de koelkast.
Oogsten en opslag
Eerste en tweede vroege aardappelen kunnen in de grond blijven tot ze nodig zijn, maar het is niet aan te raden om ze langer dan 2-3 weken na de verwachte oogstdatum te laten zitten. Als ze te lang in de grond blijven, verliezen ze hun frisse, nieuwe aardappelsmaak doordat de schil harder en dikker wordt.
Bewaar aardappels in een niet te droge of te vochtige omgeving: door droogte gaan de aardappelen rimpelen, door vocht krijgen ze uitlopers en schimmel. De beste bewaartemperatuur is tussen 5 en 10 °C. Bewaar de aardappel in de zak, dat helpt vochtverlies te voorkomen.
Voor bewaaraardappelen begint de oogst nadat de ranken vanzelf zijn afgestorven en ongeveer twee weken dood zijn geweest . Om de rijpheid te controleren, graaft u een of twee testheuvels aardappelen op. De schil van rijpe aardappelen moet stevig aan de knollen blijven zitten wanneer u er met uw vinger overheen wrijft.
Nieuwe, verse aardappelen kun je met schil eten. Maar liggen aardappelen al wat langer of hebben ze een groene schil of uitlopers? Dan kan de aardappel glycoalkaloïden bevatten.
Aardappelen bewaar je best op een koele (tussen 2 en 10°C), donkere en goed verluchte plaats. Laat de aardappelen van jouw eigen oogst eerst drogen en leg ze dan in luchtdoorlatende bakken. Controleer de eerste maanden op rotte aardappelen want die steken ook de andere aan.
Je kunt aardappelen het beste bewaren tussen de 8 en 10°C en op een droge plek, aangezien te veel vocht uitlopers en schimmels veroorzaakt. Kies dus voor een plek waar geen daglicht komt en droog en goed geventileerd is. Leg ze dan niet naast de uien, want aardappel zullen hierdoor aan kwaliteit verliezen.
Vanaf het planten tot het oogsten moet je bij de vroege rassen rekenen op ca. 90 dagen, bij de halfvroege komt dit op tot 110 dagen en bij de late variëteiten loopt dit verder op tot 150 dagen.
Aardappelen worden om de vijf dagen met gif bespoten. Ze groeien in zo'n monocultuur, dat ze van alles en nog wat ziek worden. Dat moet allemaal bestreden worden.
Na een paar maanden zijn de aardappelen klaar om geoogst te worden. Eind april geplante knollen kunnen al in juni geoogst worden, terwijl late soorten pas in september of oktober rijp zijn. Een duidelijk teken dat geoogst kan worden, is wanneer het loof geel of bruin en verdord is.
Gebruik stro en vliesdoek om jouw geoogste aardappelen optimaal te beschermen tegen de weersomstandigheden. In het geval van vorst wordt het aangeraden om aanvullend folie gebruiken. Wil je weten welke afdekmaterialen je het beste kan toepassen om jouw geoogste bieten optimaal te beschermen?
Meng wat mayonaise, yoghurt of zure room onder je restje aardappelen. Voeg nog wat smaakmakers zoals verse kruiden of gesnipperde (lente)ui toe en je hebt een basic aardappelslaatje. Lekker bij een barbecue, maar ook op een broodje of als extraatje bij je salade.
Uw aardappelen beschermen voor een zo hoog mogelijke opbrengst. Met middelen tegen herbiciden, fungiciden en insecticiden. Het is van groot belang om zo vroeg mogelijk ziektes of vijanden te identificeren. In veel gevallen is het zelf nog beter om vooraf maatregelen te nemen.