Dat maakt
Vooral de spieren die veel in beweging waren bevatten veel smaakstoffen en zijn daarom erg geschikt voor een bouillon. Je kunt dan denken aan scheen- of schenkel beenderen. Ook mergpijp geeft heel veel smaak af. Ander rundvlees is ook geschikt om te laten mee trekken in de bouillon, het zorgt weer voor extra smaak.
Soepvlees komt vaak van delen met meer spier- en bindweefsel, zoals de poot, nek of staart. Of van goed doorregen stoofvlees als de riblap.” Welk type vlees je ook kiest, in de meeste ge- vallen is de bereiding hetzelfde, zegt Richard. “Je brengt het vlees in koud water zachtjes aan de kook.
Voor draadjesvlees moet u een vleessoort gebruiken die zich goed laat stoven. U kunt er riblappen voor gebruiken, maar ook sukade of runderlappen. Riblappen bevatten in verhouding wat meer vet dan sukade- of gewone runderlappen en zijn daardoor het meest mals.
Breng het water aan de kook. Verlaag het vuur zodra het water kookt zodat je runderbouillon zachtjes kan pruttelen. De deksel laat je van de pan af. Laat de bouillon nu minimaal 5 uur trekken.
Over het vlees: Als je runderbouillon maakt, gebruik dan dezelfde stukken vlees als voor stoven of andere lange bereidingen. Ik ben dol op korte ribben, maar schenkel, runderborst of nek zijn ook prima. Door een paar mergpijpjes toe te voegen, geef je de bouillon zowel smaak als wat body.
Breng het water onder voortdurend roeren aan de kook. Stop met roeren zodra de bouillon begint te koken. Leg de deksel schuin op de pan, draai het vuur laag en laat de bouillon ongeveer twee uur trekken terwijl hij zachtjes doorkookt. Langer mag ook: hoe langer de bouillon trekt, hoe voller de smaak is.
Aan de sukadelap wordt meer kwaliteit toegedicht dan aan runderlappen van rib of borst. Runderlappen kunnen wat meer vet bevatten; de sukadelap is een mals en smeuïg stuk rundvlees met meer spiertjes en pezen.
Voor 500 gram (gesneden) vlees moet je 2 theelepels met 500 ml water mengen en hierin het vlees gedurende 15 tot 20 minuten laten staan. Vervolgens spoel je het vlees weer heel goed af en marineer en bak je het vlees. Het resultaat? Een heerlijk zacht en mals stukje vlees!
Je moet er echter rekening mee houden dat wanneer je het te lang laat opstaan, het vlees helemaal uiteen gaat vallen. Zo heb je geen stukken vlees meer maar wordt het stoofvlees meer een dikke saus met draadjesvlees in. Dat kan ook zeer lekker zijn maar als je echt nog stukken wil is het niet aan te raden.
Vlees dat traditioneel wordt gebruikt voor soepvlees (van het rund) is bijvoorbeeld schenkel, ossestaart of vlees afkomstig van de nek, dat veel bindweefsel en bot bevat. Door het hoger aandeel bindweefsel, vet en pezen, en soms ook botten, bevat soepvlees een hoog gehalte aan smaakstoffen en gelatine.
Chuck roast en arm roast zijn uitstekende keuzes voor stoofschotels vanwege hun hoge collageengehalte, dat in het gerecht smelt voor een fluweelzachte textuur. Deze stukken ontwikkelen rijke smaken na langere kooktijden, waardoor ze perfect zijn voor klassieke stoofschotels, boeuf bourguignon en langzaam gegaarde soepen.
Als je te lang bruint of je stukken te klein zijn, braad je het vlees eigenlijk helemaal/gedeeltelijk door in plaats van alleen het oppervlak. En chuck die op hoog vuur wordt gekookt, wordt taai. Zodra het gekookt en taai is, kun je het eeuwig langzaam koken en het wordt niet malser.
Stukken rundvlees die gebruikt kunnen worden voor bouillon:
Rundvleesbraadstuk . Runderschenkel . Runderribbetjes.
Runderpoulet, soepvlees of bouillonvlees is allemaal hetzelfde. Het vlees is meestal gesneden van de platte bil. Smakelijk vlees in blokjes, uitermate geschikt om langzaam te verwarmen en optimaal smaak af te geven aan het gerecht/bouillon. Dus ook als stoofvlees is poulet geschikt.
Ossenhaas is het meest malse en mooiste deel van het rund. Het wordt ook wel biefstuk van de haas of tournedos genoemd. Bereiding: bakken, per centimeter dikte bak je ongeveer 1 minuut voor een stuk rood vlees, 2 minuten voor rosé en vier minuten voor doorbakken vlees.
Het meest malse deel van het rund is zoals beschreven de ossenhaas. De ossenhaas bevindt zich aan de binnenkant van de ruggengraat van het rund. De ossenhaas is een spier die vrij weinig werk hoeft te verrichten.
Laat het langzaam en op laag vuur koken
Bij het stoven van taaie stukken vlees wordt het collageen in het kookvocht afgebroken, waardoor de taaie spiervezels zich van elkaar kunnen scheiden.
Hoe lang moet stoofvlees opstaan om mals te worden? De gaartijd is per type vlees verschillend. Runderlappen zijn na ongeveer 1,5 uur wel klaar, terwijl je voor riblappen rustig 2 tot 3 uur kunt uittrekken. En sukade die houdt er helemaal van om lang te garen, na 3 tot 4 uur is het klaar.
Riblappen zijn vaak wat vetter en hebben een fijnere structuur dan sukade. Beide stukken vlees zijn geschikt voor stoofgerechten, maar riblappen zijn vaak sneller mals dan sukade, die iets meer tijd nodig heeft om zacht te worden. Sukade heeft echter een intensere smaak, vooral als het goed lang gesudderd wordt.
Als je koud vocht toevoegt, dan sluit het vlees zich af en neemt het niet makkelijk vocht en/of smaken meer op. -Voeg zuren aan je vlees toe, zoals (rode) wijn, azijn , bier, tomatenpuree of mosterd. De zuren die hierin zitten zorgen ervoor dat het bindweefsel in vlees wordt afgebroken waardoor het vlees mals wordt.
Kies het juiste soort vlees
Voor stoofvlees is een beetje vet lekkerder, want dat geeft meer smaak af. Riblappen, runderlappen en sukadelappen zijn ideaal. Die hebben namelijk veel beweging gehad en hebben genoeg vet, die worden tijdens het stoven erg mals.
Voor een sterke bouillon laat je de ingrediënten heel lang en rustig trekken, zodat ze hun smaak kunnen afgeven en zodat gelatine uit de botten smelt en oplost in de bouillon. Hoe langer je de bouillon trekt, hoe meer smaakstoffen en gelatine hij bevat. Laat de bouillon zo'n drie uur trekken, maar langer mag ook.
Hoeveel bouillon moet ik toevoegen? Een goede gewoonte is om te beginnen met één bouillonblokje of theelepel per 500 ml kokend water. Je kunt het bouillonblokje verkruimelen of gewoon toevoegen.
Vlees koken klinkt misschien gek, maar sommige vleessoorten kun je prima gaar koken in water dat je op smaak brengt met kruiden, groenten en eventueel wijn, bier of cognac. Als je vlees opzet met koud water krijg je bouillon (dan geeft het vlees zijn smaak af), met warm water behoudt vlees zijn smaak.