Prei: koolsoorten, Oost-Indische kers, schorseneren, selderij, tomaten, uien, wortels.
Veel. Goede buren: Goede buren voor deze plant: aardappel, andijvie, boerenwormkruid, distels, kamille, komkommer, raap, sla en wortel , zonnebloem.
Slechte buren zijn groentes die niet goed naast elkaar groeien. Het letten op goede en slechte buren is een onderdeel van combinatieteelt. Goede buren van aubergines zijn onder andere basilicum, goudsbloem (calendula), sla, radijzen en paprika.
Aubergine met geel: Geel is de complementaire kleur van paars. Dat wil zeggen dat geel tegenover paars staat in de kleurencirkel. Dat betekent dat die kleuren elkaar perfect aanvullen. Je kunt kiezen voor zacht eigeel, maar ook warm okergeel is prachtig in combinatie met aubergine.
Afrikaantjes zijn niet alleen mooi, maar ook zeer nuttig in de moestuin. Deze moestuinbloemen stoten namelijk een geur af die schadelijke insecten zoals engerlingen en mieren) en knaagdieren afschrikt, maar slakken aantrekt. Hierdoor worden ze vaak langs moestuinen geplant om slakken weg te lokken van andere gewassen.
Vroeger dient selder in de serre geplant te worden. Plantafstand voor groene selder: 30 x 30 cm. Zorg dat bij het uitplanten de bovenkant van de perspot op gelijke hoogte zit met de grond.
Prei is lekker met andere groente zoals wortelen, ui, knolselder, enz.
De basis voor dikke prei: de juiste start
Prei houdt van een vruchtbare, goed doorlatende grond. Zorg voor een losse structuur, zodat de wortels zich goed kunnen ontwikkelen. Werk voor het planten voldoende compost of organische mest door de grond. Dit zorgt voor een rijke bodem, essentieel voor dikke prei.
De plantafstanden die je best aanhoudt zijn 25 cm afstand tussen de rijen en 10 cm afstand tussen de planten (zomerprei) en 45 cm tussen de rijen en 15 cm tussen de planten (herst- en winterprei).
Je kunt je prei beter niet dicht op aardappelen, bonen en erwten telen. Om preiplanten succesvol te telen zal je de prei regelmatig moeten bemesten met mest met een hoog stikstofgehalte. Preiplanten hebben de mest nodig om de bladeren te laten groeien.
Er moet toegang zijn van lucht en het moet goed vochthoudend zijn. Een prei groeit het beste op grond die diep losgemaakt is. De wortels van de prei zitten in de bovenste 25 centimeter voor 65% in de grond. Daarna krijg je een laag van 25% die tussen de 25 en 50 centimeter diep in de grond zit.
Zaai prei in het voorjaar, eind maart tot begin mei. Je kunt in een bak onder glas voorzaaien, maar gewoon buiten op een mooi, licht en vochthoudend stukje grond kan het ook. Zaai dun, zodat de jonge plantjes voldoende ruimte hebben om na enkele weken te kiemen.
Prei: koolsoorten, Oost-Indische kers, schorseneren, selderij, tomaten, uien, wortels.
Om de sla leg je materiaal waar slakken niet graag overheen kruipen, zoals stro, cacaodoppen, koffiedrab of gemalen schelpen. Slakken kruipen namelijk niet graag met hun weke buikjes over iets scherps heen. Je kunt ook een slakkenborstel of een afgeknipte plastic fles om jouw sla heen leggen.
In maart kunnen de eerste gewassen direct de grond in. Denk hierbij aan spruitjes, radijs, spinazie, herfst- en winteruien, wortelen, doperwten, rapen, snijbiet, peultjes, prei, postelein, raapstelen en kapucijners. De temperatuur is dan hoog genoeg voor deze gewassen om te overleven.
Bij het planten moet je ook rekening houden met de groentes waar de courgette wel en niet goed naast groeit, de goede en slechte buren. De goede buren van courgette zijn mais, sla, stokbonen en uien. De slechte buren van de courgette zijn aardappelen en komkommer.
Dat zit zo: vroeger waren aubergines namelijk veel bitterder van smaak. Met behulp van een flinke dosis zout, wat je later weer wegveegt, kun je het vocht onttrekken waardoor ze minder bitter smaken.
De primaire kleuren blauw en rood zijn essentieel voor het creëren van paars. Door zwart in blauw en rood te mengen, krijg je een donkerdere tint paars. Men noemt het ook wel aubergine paars en een geweldige toevoeging op de reeds bestaande paarse tinten van Annie Sloan.
Zaaien en planten
In maart en april kun je onze aubergine in aarde voorzaaien bij 20 à 25 graden. In mei en juni, na ijsheiligen, kun je de aubergine uitplanten. De planten zijn dan ongeveer 10 centimeter. Houd hierbij een plantafstand aan van 75 x 50 cm.