De oorzaak ligt enerzijds in het natte seizoen, maar ook in de hoge temperaturen tijdens en na inschuren. In diverse aardappelcellen zien we enkele weken na inschuren meer rotte knollen ontstaan. Het gaat in veel gevallen om bacterierot en/of een aantasting van melkzuurschimmel. Ook komt phytophthora voor.
Als de binnenkant van de aardappel bruin is, maar de textuur hetzelfde is, snij dan het bruine gedeelte weg en het is prima. Als de binnenkant bruin is en de textuur anders is, of er holle plekken in zitten, dan is het rot en moet je het weggooien.
Versterk jouw planten door om de paar weken met basalt- of lavameel te stuiven of door heermoesaftreksel te spuiten. Zorg voor ruime plantafstanden, zo kan het loof tijdig opdrogen. Geef jouw aardappelen en tomaten niet te veel stikstof, want dat geeft veel en gevoelig blad. Kweek verschillende rassen (naast mekaar).
Beschimmelde producten moeten direct weggegooid worden.
Aardappelen bewaren doe je daarom best op een koele (tussen 2 en 10 °C), donkere, droge en goed verluchte plaats (bv. kelder (kast)) in een geperforeerde papieren zak, een net of een open mand. Schud ze af en toe om. Bewaar aardappelen nooit in de koelkast.
Bewaar aardappels in een niet te droge of te vochtige omgeving: door droogte gaan de aardappelen rimpelen, door vocht krijgen ze uitlopers en schimmel. De beste bewaartemperatuur is tussen 5 en 10 °C. Bewaar de aardappel in de zak, dat helpt vochtverlies te voorkomen.
'Oogst na de herfstvakantie'
"Over het algemeen is het wel zo dat aardappelen in september en oktober meer stikstof opnemen dan het vanggewas. Je kunt ze dus beter oogsten op het moment dat ze daar echt aan toe zijn, dus rond de herfstvakantie." 1 oktober zou dus ook voor stikstofopname een te vroege datum zijn.
Hoe herken ik bederf? De aardappelen zijn beschimmeld, uitgedroogd of verrot. Bederf herken je snel door goed te kijken, ruiken of proeven. Bewaartip voor dit product Bewaar aardappelen bij voorkeur op een droge, donkere en koele plek.
Op de knollen is de aantasting zichtbaar als roestbruine tot blauwachtige. door de schil schemerende vlekken. Het aangetaste knolweefsel is roestbruin van kleur en wordt afgewisseld met normaal weefsel.
Dat het zakje wat bol staat, wil niet zeggen dat de groente bedorven zijn. De verpakking kan opbollen omdat er een beschermend luchtmengsel in het zakje is gedaan. Dat is niet gevaarlijk of schadelijk, het houdt juist de groente langer vers.
De aardappelplaag is zichtbaar op de aardappelknol door ingezonken plekken en de knol zelf is glazig met bruine plekken waarbij deze snel zal rotten.
Zijn aardappelen met wratziekte nog eetbaar? Aardappelen met wratten zien er niet erg aantrekkelijk uit, maar u kunt ze nog wel eten. Mogelijk zijn ze wel minder smakelijk of voedzaam.
De aardappelziekte zorgt ervoor dat de aardappelen oneetbaar worden, ze worden zacht en bruinpaars van kleur en ze stinken enorm. De aardappeloogst kan er volledig door verwoest worden.
De witte stipjes heten lenticellen. Zie ze als ademhalingsporiën. Alle aardappels hebben lenticellen om de luchtuitwisseling te bevorderen, zuurstof erin, koolstofdioxide eruit, maar als ze zich ontwikkelen in grond die iets te nat blijft, zwellen de lenticellen om meer uitwisseling mogelijk te maken.
Zwartbenigheid is een aardappelziekte, die veroorzaakt wordt door de gramnegatieve bacterie Erwinia carotovora subsp. atroseptica en komt vooral voor bij 18-20 °C. De aangetaste stengels stinken naar vis. Vanuit besmette aardappels verspreidt de bacterie zich.
De ziekteverwekker overwintert vaak in de grond zelf of op aardappelknollen die in de grond achtergebleven zijn. Het is heel belangrijk om in het najaar alle knollen uit de grond te halen en in het voorjaar enkel gezonde aardappelknollen te planten.
Aardappelen - Verkleuring
Knollen met kaliumgebrek laten zwarte plekken zien. Als ze doorgesneden worden, kleuren ze snel zwart.
Blad- en takaantasting Symptomen op bladeren zijn bruinige verkleuringen, voornamelijk taps toelopend langs de nerf, maar ook elders op het blad. De bladeren sterven daarna meestal af. Dit komt voor in Rhododendron, Pieris en Rhamnus.
Hoe herken je zo'n rotte aardappel? Schimmel en verkleuring liggen voor de hand, maar wees ook waakzaam voor een gekke geur of wakke plekken. Ook scheuten en uitlopers kunnen betekenen dat de aardappelen al wat ouder zijn. Al wil dat niet per se zeggen dat je ze niet meer kan gebruiken voor friet.
Ja, groene, bruine en beurse plekken en uitlopers moet je goed wegsnijden uit aardappels. In de uitlopers van oudere aardappelen en in de schil van onrijpe aardappelen kan namelijk de stof solanine voorkomen. In grote hoeveelheden is deze stof giftig voor de mens.
Voor een gemiddelde volwassene is 200 mg solanine schadelijk; de dubbele hoeveelheid kan zelfs dodelijk zijn. Aardappels bevatten gemiddeld 40 mg solanine per kg. Na het eten van meer dan 5 kilo aardappels in één keer kun je dus ziekteverschijnselen verwachten. Maar ook zonder solanine heb je dan al wel buikpijn.
Ja hoor eet ze gerust, maar snij de uitlopers wel ruim uit. Dan voorkom je dat je solanine binnenkrijgt. Op plaatsen waar uitlopers groeien, zit namelijk de natuurlijke gifstof solanine. Solanine ontstaat onder invloed van licht in de schil en uitlopers van aardappelen.
Vaak gebeurt dat in het voorjaar en afhankelijk van het aardappelras is bepaald hoe lang deze onder de grond blijven. Vroege rassen hebben een groeiperiode van 90 – 100 dagen, waar dat bij late aardappelen minimaal 150 dagen is. Hoe langer een aardappel onder de grond blijft, hoe beter deze beschermd is.
Voedingsspecialisten raden aan dagelijks 3 tot 5 stuks gekookte aardappelen (150-250 gram) te eten. Ter variatie kunnen aardappelen worden vervangen door rijst, deegwaren of couscous. Weet wel dat een portie deegwaren of rijst bijna tweemaal zoveel calorieën bevat als een portie gekookte aardappelen.