Met de hand. Je kunt spaghetti ook met de hand meten, je krijgt dan een iets grovere hoeveelheid, maar toch handig als je geen spaghettimeter of plastic flesje in huis hebt. Als vuistregel kun je dan aanhouden dat de hoeveelheid die tussen de top van je duim en wijsvinger past, voldoende is voor één volwassene.
Als je geen weegschaal hebt, kun je de droge pasta in de bak doen waar je 'm uit eet en 'm vullen tot ongeveer 70% van wat je aan gekookte pasta zou eten, en dan die hoeveelheid koken. Pasta wordt groter in volume, dus het wordt ongeveer wat je wilt.
Meet spaghetti, fettuccine, spaghettini, capellini, fedelini of vermicelli af met je hand. Plaats een bosje spaghetti tussen je duim en wijsvinger . 1 portie pasta, oftewel 57 gram, komt overeen met een bosje pasta tussen je vingers met een diameter van 24,26 mm.
Andere soorten pasta afmeten
Voor pastasoorten zoals fusilli, penne of farfalle kun je een koffiekopje (250 ml) gebruiken: Kleine pastasoorten: Vul het kopje tot ongeveer driekwart. Dit is 75-85 gram, genoeg voor één portie. Grote pastasoorten: Vul het kopje iets minder vol, omdat deze zwaarder zijn.
In recepten wordt met 1 eetlepel 15 gram of milliliter aangehouden. Maar de meeste eetlepels kunnen maar 10 tot 12 gram of milliliter aan inhoud dragen.
Hoeveel macaroni heb je nodig per persoon. Het voedingscentrum adviseert 75-100 gram per persoon. Om gemakkelijk af te meten: 75 gram is een senseokopje met ongeveer een duimbreedte vrij aan de bovenkant. 100 gram is een volledig volle kop.
Voor aardappels, pasta en rijst kun je heel gemakkelijk uitrekenen wat het verschil is tussen het ongekookte en gekookte gewicht: Aardappelen: ongekookt 100 gram = gekookt 110 gram (x 1,1) Pasta: ongekookt 100 gram = gekookt 250 gram (x 2,5)
Het Eetmaatje is een aantal keer gratis verspreid via supermarkten, bij de aankoop van pasta, rijst en couscous. Momenteel kun je het Eetmaatje bestellen in de webshop.
Zet jij vanavond een lekkere pasta op tafel? Ga dan bij een hoofdgerecht voor volwassenen uit van 100 tot 125 gram ongekookte, gedroogde pasta per persoon. Voor kleinere eters, kinderen of voorgerechten kun je uitgaan van 80 gram.
Praktische trucjes om de juiste hoeveelheid te meten
Hier zijn een paar praktische manieren om pasta te meten zonder weegschaal: Een handvol droge spaghetti met een diameter van ongeveer 2 cm is een portie voor 1 persoon. Voor korte pasta zoals penne of farfalle kun je ongeveer een kom (250 ml) vullen voor 2 personen.
Want koolhydraatrijke gerechten - zoals pasta - schrappen, blijkt helemaal nergens voor nodig. Sterker nog, het regelmatig eten van een flink bord spaghetti, fusilli of penne kan zelfs helpen – hoera! – met afvallen.
Nog best een grote hoeveelheid. De saus moet er immers ook nog bij. Wil je afvallen en ben je niet zo actief? Dan is een portie van 100 gram gekookte pasta beter.
Rekenen maar! Nog even op een rijtje wat je ongekookt nodig hebt voor een gekookte portie van ongeveer 175 gram: Pasta: 70 gram.
Bereid versus onbereid gewicht
Rijst en pasta verdubbelen hun gewicht door het te koken. 100 gram ongekookte pasta wordt dus 200 gram gekookte pasta. Vlees verliest ongeveer een derde van het gewicht tijdens de bereiding. 140 gram rauw vlees wordt dan 100 gram bereid vlees.
Pasta en rijst zwellen in de pan. Ze nemen ongeveer 2,5 keer hun gewicht op aan water als je het kookt. Quinoa neemt zelfs drie keer het gewicht op. Op je bord is die portie van 75 -100 gram dus uiteindelijk 190 tot 250 gram geworden.
Spaghetti meten zonder weegschaal
De duimmethode: neem een bundel ongekookte spaghetti met de dikte van je duim. Dit is ongeveer 80-90 gram, perfect voor één persoon. De opscheplepel-truc: één standaard opscheplepel gekookte spaghetti is ongeveer 65-75 gram.
Een grote maatbeker heeft meestal een inhoud van 250 ml, 500 ml of 1 liter.
Als er 'volkorenbrood' op de verpakking staat, dan is het echt volkoren. Pasta en couscous mogen 'volkoren' worden genoemd als ze voor 100 procent uit volkoren(durum)tarwe bestaan.
Je kunt spaghetti ook met de hand meten, je krijgt dan een iets grovere hoeveelheid, maar toch handig als je geen spaghettimeter of plastic flesje in huis hebt. Als vuistregel kun je dan aanhouden dat de hoeveelheid die tussen de top van je duim en wijsvinger past, voldoende is voor één volwassene.
Een volwassen portie pasta (penne, fusilli) zou 100 gram moeten zijn, maar voor degenen die het niet willen afwegen: de portie moet bijna een middelgrote mok (280 gram) droge pasta vullen OF de bodem van een pastakom bedekken .
Meet de pasta met de hand af .
Dit is een wat grovere richtlijn. Maar als je twee handenvol gedroogde pasta neemt, is dat ongeveer een portie van 75 gram.
1 cup naar gram (vaste ingrediënten)
Bloem: 1 cup = 130 gram. Kristalsuiker: 1 cup = 200 gram. Poedersuiker: 1 cup = 100 gram. Ongekookte pasta: 1 cup = 140 gram.
In de Italiaanse richtlijnen wordt doorgaans de volgende hoeveelheid ongekookte pasta per persoon aanbevolen: 60-100 g gedroogde pasta . 70-120 g verse pasta. 100-130 g gnocchi.
Simpel gezegd: 60 gram bloem voor alle doeleinden is gelijk aan een half kopje .