Haal de crème dus minimaal een paar uur van tevoren uit de koelkast. Voordat je hem verwerkt roer je de botercrème ook even goed door. Hierbij zou het wel kunnen gebeuren dat het gaat schiften, dat komt door het temperatuurverschil.
Heb je botercrème over of wil je het al ruim van tevoren maken? Geen probleem! Je kunt botercrème goed bewaren en je kunt het makkelijk opnieuw gebruiken.
Glazuur of versier de cupcakes niet met zuivelproducten als je ze op kamertemperatuur bewaart – je moet dit op de dag zelf doen. Je kunt cupcakes, inclusief glazuur, maximaal zeven dagen van tevoren in de koelkast bewaren.
Wanneer je de cupcakes nog afwerkt met fondant of botercrème dan kan je ze nog een dag of twee langer bewaren omdat het vocht wat in de crème zit of de jam waarmee je de fondant op de cakejes plakt in de cakejes trekt, daardoor blijven ze langer zacht.
Topping 1: botercrème
Wil je een mooie toef op je cupcake maken, kies dan voor een botercrème. Met ongezouten roomboter, gezeefde poedersuiker en enkele eetlepels water maak je snel een romige crème. Je kunt aan botercrème ook een smaakje toevoegen door er bijvoorbeeld verse vruchten of chocolade doorheen te mengen.
Hoe lang moeten cupcakes afkoelen voordat je ze uit de vorm kunt halen? Een goede vuistregel is dat je ze ongeveer 10 minuten laat afkoelen voordat je ze uit de vorm haalt. Leg ze vervolgens op een koelrooster en zorg ervoor dat ze volledig zijn afgekoeld voordat je het glazuur toevoegt.
Een schraper: nadat je de taart globaal hebt ingesmeerd, strijk je botercrème strak met een schraper. Het is belangrijk dat de schraper hoger is dan de taart. Met een schraper kun je veel nauwkeuriger werken dan met een paletmes. Vooral als je begint met taarten afsmeren, is het dus handig om een schraper te gebruiken.
Je kunt prima een dag van tevoren het cupcake beslag maken en de cupcakes bakken. Bewaar de cakejes goed luchtdicht verpakt op kamertemperatuur en spuit een eventuele topping op de cupcakes vlak voordat je ze gaat serveren.
Een kleverige cake betekent meestal dat je het beslag verkeerd hebt gemengd. Waarschijnlijk heb je ofwel je boter/suiker niet goed gemengd, ofwel te veel gemengd nadat je de bloem en/of vloeistof hebt toegevoegd.
Klop eerst de boter licht en luchtig. Voeg poedersuiker toe en klop opnieuw. Voeg nu een scheutje melk of room toe (weer op kamertemperatuur) en blijf kloppen tot een gladde massa. Geen paniek als de botercrème begint te schiften; dan moet je hem gewoon wat meer mengen.
Eén portie botercrème is voldoende voor het vullen en afsmeren van 1 taart van 20 cm of een toef op ca. 12 cupcakes.
Voor 12 cupcakes
Doe de zachte boter in een kom en mix tot een luchtige smeuïge massa , voeg dan langzaam de poedersuiker toe en mix door tot een mooie crème. Hoe langer je blijft mixen , hoe beter de delen in elkaar op gaan. De textuur en de kleur veranderen , voeg als laatste het water en de vanille toe.
Gewone cupcakes kan je ongeveer 3 dagen bewaren in een goed afgesloten koekentrommel. Best niet in de koelkast. Wanneer je de cupcakes nog afwerkt met fondant of boterroom kan je ze in principe nog een dag of twee langer bewaren. In de vriezer bewaren cupcakes tot 3 maanden.
Een taart of een stronk met crème au beurre kan u gerust enkele dagen in de koelkast bewaren.
De cakes of biscuits kun je al ruim van tevoren maken en in de vriezer bewaren. Doe dit maximaal 2-3 maanden van tevoren. Ook een botercrème kun je nu al maken en invriezen. Hou er rekening mee dat deze wel een tijdje nodig heeft om te ontdooien en dat je misschien nog wel even moet opkloppen in verband met schiften.
Ik gebruik een klein snufje zout op ongeveer 3 kopjes botercrème. Hoewel dat wel voor de smaak zou werken, pakt het de daadwerkelijke hoeveelheid suiker niet aan. Ik heb dezelfde uitdaging als OP postte---wil geen frosting maken omdat er veel te veel suiker in zit.
Bestrijk de cupcakes met een eetbare 'lijm'
Om de fondant goed te kunnen laten plakken op de cupcakes, is het belangrijk dat je de bovenkant van elke cupcake voorziet van een plakkerig goedje. Dit kan eetbare lijm zijn, maar ook een dun laagje botercrème, chocolade pasta of glazuur.
Het is normaal dat cupcakes, maar ook cakes, een beetje inzakken nadat ze uit de oven komen. Dat komt vooral door het afkoelen. Hete lucht neemt meer ruimte in beslag dan koude lucht. Dus wanneer je cakeje afkoelt, daalt de temperatuur in de luchtkamers van je cupcake.
Het komt misschien niet direct in je op, maar vloeibare margarine is perfect geschikt voor het bakken van cake, cupcakes of muffins.
Je zou denken dat het logisch is om een crème op basis van boter die verder niet verhit is te bewaren in de koelkast. Toch doe ik dat eigenlijk nooit. Wel als ik hem een paar dagen wil bewaren, maar over het algemeen maak ik mijn botercrème maximaal een dag van tevoren.
Als je botercrème binnen een dag gaat verwerken, kun je hem het beste buiten de koelkast bewaren, maar wel op een zo koel mogelijke plek. De crème blijft mooi soepel, zodat je hem gemakkelijk direct kunt verwerken. Dek je kom goed af of bewaar hem in een spuitzak. In de koelkast kun je botercrème een week bewaren.
Maak de vormpjes niet te vol: één schep per cupcake is voldoende. 6. Bak de cupcakes in het midden van de oven in 20-30 minuten tot de randjes goudbruin beginnen te kleuren. De cupcakes zijn klaar als een cocktailprikker in het midden gestoken er droog (zonder beslag) uitkomt.
Je kunt de botercrème nu direct gebruiken om je taart mee af te smeren. Of vul er een spuitzak mee die je gebruikt om toeven mee te maken. Je kunt de chocolade botercrème bewaren in de koelkast (in de spuitzak of reeds verwerkt in een taart of op cupcakes), maar houd er rekening mee dat deze zal opstijven.
Hij komt niet (helemaal) uit de vorm
Daarnaast moet je een cake niet te warm uit de vorm halen. Laat hem een minuut of 10 afkoelen in de vorm, zodat hij stevig kan worden. Daarna kun je hem veilig lossen. Laat je cake overigens niet volledig afkoelen in de vorm.
De volgende keer dat je zoiets tegenkomt, kan het helpen om de frosting met een kleine heen en weergaande beweging over de taart te verwerken met je spatel voordat je hem gladstrijkt, om de luchtbellen te verstoren en een gladdere afwerking te krijgen.