Bij een hoogte van ca. 15 cm moet je de aardappelplanten aanaarden. Dat doet je met aarde uit de ruimtes tussen de rijen. Daarmee voorkom je dat er licht bij de aardappelen komt en er groene plekken met een hoog gehalte aan solanine - een gifstof - ontstaan.
Wanneer de aardappelplanten ongeveer 30 cm hoog zijn, kun je ze aanaarden. Aanaarden is nodig zodat je knollen niet boven de grond komen te liggen en groen zouden worden. Groene knollen zijn namelijk giftig en ongeschikt om te eten. Dit wil je dus voorkomen.
Aardappelen aanaarden
Het is een eenvoudig proces: zodra de scheuten ongeveer 23 cm hoog zijn , trek je wat aarde eromheen omhoog om een richel langs de rij te vormen, zodat alleen de bovenste 10 cm van de planten zichtbaar blijft. Naarmate de stengels langer worden, herhaal je het proces meerdere keren, met een paar weken ertussen.
Plant de aardappelen in rijen.
Zorg voor voldoende afstand tussen de rijen (± 70 cm), zo kan je je aardappelplanten achteraf gemakkelijker aanaarden. Maak plantgaten van zo'n 5 cm diep. In lichte grond (zandgrond) mogen ze zelfs iets dieper zijn (tot 10 cm). Respecteer een afstand van 30 tot 50 cm tussen de plantgaten.
De aardappelplanten zijn nu al aardig groot, tussen de 25 en 50 cm hoog.
De aardappel (Solanum tuberosum) is een kruidachtige eenjarige plant die tot 100 cm hoog wordt. Naarmate de aardappelplant groeit, produceren de bladeren zetmeel dat wordt overgebracht naar de uiteinden van de ondergrondse stengels (of stolonen). De stengels verdikken zich tot enkele tot wel 20 knollen dicht bij het grondoppervlak.
'Vooral oogst voor oktober'
Deze aardappelplanten worden voor de oogst doodgespoten waardoor er minder stikstof wordt opgenomen dan bij het langzaam afsterven van de plant zou gebeuren.
Ik heb even opgezocht wat de slechte buren van aardappelen zijn volgens de veel op elkaar lijkende lijsten: slechte buren zijn tomaten, tijm, courgette, komkommer, kamille, framboos, pompoen, selderij, ui, rozemarijn, munt, zonnebloem, melde en worteltjes.
Wanneer kan ik Berber pootaardappelen planten? Tussen maart en april, afhankelijk van het weer en de bodemtemperatuur.
Als de geoogste producten na het rooien droog en afgekoeld zijn tot beneden de 10°C dek je deze af met vliesdoek. Vliesdoek biedt geen bescherming tegen vorst. Hiervoor kun je aanvullende afdekmaterialen aanschaffen. Let op, Agrifirm vliesdoek van 15,75x25m is niet geschikt om aardappelen mee af te dekken.
Breng de aardappels vier weken voor het poten op kamertemperatuur. De witte spruiten kun je het best in het licht afharden, zodat ze er met poten niet afbreken. Voordeel van voor kiemen is ook dat je later in een warmere grond kunt planten, zodat de aardappel in één keer door groeit.
Nadat je jouw aardappelen gepoot hebt, is het belangrijk om deze te bemesten. Voor je aardappelteelt volstaat een flinke bemesting met verteerde stalmest of met compost. Vervolgens moet je er voor zorgen dat je grond rijk is aan kalium (kali of tuinpotas) en magnesium (kieseriet).
Vanaf het planten tot het oogsten moet je bij de vroege rassen rekenen op ca. 90 dagen, bij de halfvroege komt dit op tot 110 dagen en bij de late variëteiten loopt dit verder op tot 150 dagen.
Je kan je aardappelen een kick-start geven met een organische grondverbetering met gedroogde koemest of bodemverbeteraar. Kalium voorkomt dan weer glazigheid en zorgt later voor een betere bewaring.
Met het aanaarden van gewassen breng je grond op of om de plant aan en bedek je onkruid binnen de gewasrij. Daarnaast wordt het gewas enigszins beschermd tegen vorstschade, helpt het grondscheuten wortelen en vergemakkelijkt het de oogst. De manier van aanaarden verschilt per gewas.
Bij het aanaarden wordt elke rij met 10 cm grond opgehoogd, waardoor de jonge stengels grotendeels bedekt worden met aarde. Dat kan je makkelijk doen met een hak of een aanaardploeg. Deze handeling herhaal je best nog een tweetal keren, telkens na 3 à 4 weken.
Vroege aardappelen poten van begin maart tot half april. Oogsten na ca. 90 dagen. Middenvroege aardappelen poten van half maart tot eind april.
De regels zijn bedoeld voor het verbeteren van de waterkwaliteit, een belofte die de Nederlandse regering op Europees niveau heeft gedaan. Boeren die aardappels hebben geoogst, moeten tijdig gewassen planten die een deel van de overgebleven meststoffen uit de grond halen, zodat ze niet in het water terechtkomen.
Aardappels: afrikaantjes, bonen, dille, erwten, knoflook, koolsoorten, munt, oost-indische kers, spinazie, spruiten. Aardbeien: knoflook, peterselie, prei, radijs, sla, spinazie, tijm, tomaten, uien, wortels. Andijvie: koolsoorten, prei, stokbonen, tomaat, venkel.
Plant de aardappelen in rijen.
Voorzie voldoende afstand tussen de rijen (± 70 cm), zo kan je je aardappelplanten achteraf gemakkelijker aanaarden. Maak plantgaten van zo'n 5 cm diep. In lichte grond (zandgrond) mogen ze zelfs iets dieper zijn (tot 10 cm). Respecteer een afstand van 30 tot 50 cm tussen de plantgaten.
De meeste vroege en middelvroege aardappelen kunnen in juli/augustus geoogst worden. Halflate of late rassen oogst je vervolgens in september of oktober.
De uitlopers zelf kun je beter niet opeten. In de uitlopers zit namelijk het giftige stofje solanine, waarmee de aardappel beschermd wordt tegen schimmels en insecten. Maar geen nood, als je ze er goed afsnijdt is er niks aan de hand. Van dit stofje kun je overigens flink buikpijn, diarree of koorts krijgen.
Wanneer verschijnen de nieuwe aardappelen? De eerste vroege Nederlandse piepers worden al in juni of juli gerooid, afhankelijk van het soort pieper dat u wilt. De echte vroege aardappelrassen bij Aardappelshop zijn de Frieslander, Doré en Première.