Aardappelen
Vóór 1910 werden de oogsten opgeslagen in schuren of wortelkelders, maar in de jaren twintig van de 20e eeuw werden aardappelkelders of schuren gebruikt.
De enige manier die wij kenden om voedsel zoals bessen en vlees langer goed te houden, was door het te drogen in de zon en later – het moest immers eerst uitgevonden worden – boven vuur. Dit laatste is de basis voor het roken van voedsel zoals we dat nu kennen.
Houten boxen waarin je behandelde aardappelen bewaarde gooi je dus beter weg. Professioneel is er al geëxperimenteerd met alternatieven zoals muntolie en ethyleen. Die zijn niet voor de particulier beschikbaar. De boer en handelaar bewaren aardappelen vooral koel, luchtig en donker, en dat doe je best ook.
Plaats ze op een koele, donkere, goed verluchte en droge plaats (bvb. een kelder of berging), tussen 7 en 10°C is ideaal. Heb je geen koele kelder of berging, dan kan de koelkast (de groentelade) een alternatief zijn. Het wordt aangeraden om aardappelen niet langer dan 2 weken te bewaren in de koelkast.
Aardappelen inkuilen, al dan niet gestoomd, was een manier van bewaren die tot in de jaren vijftig veel werd toegepast. De bewaarverliezen waren groot, er verrotte en verschimmelde veel.
🌟 1️⃣ Zoek een koele, donkere en droge plek, zoals een voorraadkast of kelder , om je aardappelen te bewaren. Vermijd plekken met direct zonlicht of extreme hitte. 2️⃣ Bewaar aardappelen in een ademende verpakking, zoals een papieren zak of een netzak, om luchtcirculatie mogelijk te maken en vochtophoping te voorkomen. Dit helpt spruiten en rotting te voorkomen.
Bewaartip voor dit product Bewaar aardappelen bij voorkeur op een droge, donkere en koele plek. Snijd groene plekken op aardappelen ruim weg. Als aardappelen te warm worden bewaard gaan ze uitlopen. De aardappels kun je nog eten als je de uitlopers verwijdert en het plekje eraf snijdt.
Bewaar aardappelen in kartonnen dozen, manden of bakken met gaten in de zijkanten voor luchtcirculatie . Bedek ze met papier en gebruik papier tussen de lagen als u ze stapelt. Bewaar ze in de koelkast in een netzak of in een plastic of papieren zak met luchtgaten.
'Oogst na de herfstvakantie'
"Over het algemeen is het wel zo dat aardappelen in september en oktober meer stikstof opnemen dan het vanggewas. Je kunt ze dus beter oogsten op het moment dat ze daar echt aan toe zijn, dus rond de herfstvakantie." 1 oktober zou dus ook voor stikstofopname een te vroege datum zijn.
Antwoord: Vroeger bewaarden mensen hun graan in potten van klei of in gevlochten manden etc. Vroeger bewaarden ze hun graan in kleine gaten in de muren.
Dat kan geleidelijk, maar ook op één bepaald moment. Door het lichaam vocht en voedsel te onthouden, gaat het lichaam de eigen reserves aanspreken. Afhankelijk van de conditie, sterft iemand doorgaans binnen één à twee weken. Als de stervende af en toe nog wat water drinkt, kan het iets langer duren (meerdere weken).
Naast koeling worden er al heel lang verschillende conserveringsmethoden toegepast, zoals zouten, drogen, roken, inmaken en fermenteren .
Laat ze niet op het aanrecht liggen, want ze verkleuren groen door het licht. Een doorzichtige plastic zak met gaatjes, bewaard op een koele, overdekte plek zoals een voorraadkast, bijkeuken, logeerkamer, garage of kelder (geïsoleerd tegen bevriezing), is ideaal.
Als je ze nog nooit eerder hebt gezien: het zijn meestal bruine jutezakken die per stuk ongeveer 45 kilo aardappelen kunnen dragen. En ze zijn essentieel, want alle zakken waarin aardappelen worden bewaard, moeten licht blokkeren en tegelijkertijd lucht doorlaten . Je hebt ze misschien wel eens zien gebruiken op de lokale kermis voor zaklopen.
Na de oogst laat je de aardappels eerst drogen. Dit kan ik een losse laag ergens in een schuur doen maar je kan ze ook laten drogen in kratten met luchtgaten. Zorg dan wel dat je ze niet al te dik opstapelt zodat overal makkelijk lucht bij kan komen. Vervolgens kan je ze donker, koel en droog bewaren.
De sleutel is om aardappelen op een koele, droge plaats te bewaren , zoals in een voorraadkast, in een papieren zak of kartonnen doos. Het is belangrijk om aardappelen op de koele, ideale temperatuur te bewaren (maar, verrassend genoeg, niet in de koelkast) om te voorkomen dat ze groen worden, zachte plekken krijgen of voortijdig ontkiemen.
Waarom jute aardappelzakken gebruiken voor opslag? De geweven jutestof is sterk en wasbaar, waardoor hij geschikt is voor langdurig gebruik in de tuin of thuis. De luchtstroom door de stof houdt de aardappelen koel en droog, wat helpt om uitlopen te voorkomen. Jutezakken bieden u een betrouwbare manier om aardappelen te bewaren zonder plastic .
Bewaar ze in verse turf of gewoon in droge zakken, beschermd tegen licht en vorst, en ze blijven maanden goed. Ik blancheer ze in kleine porties, laat ze volledig afkoelen en vries ze in. Ze zijn heerlijk als aardappelpuree.
Bewaar aardappels in een niet te droge of te vochtige omgeving: door droogte gaan de aardappelen rimpelen, door vocht krijgen ze uitlopers en schimmel. De beste bewaartemperatuur is tussen 5 en 10 °C. Bewaar de aardappel in de zak, dat helpt vochtverlies te voorkomen.
Om uitlopers zo lang mogelijk te voorkomen kun je ze best op een koele, donkere en droge plaats bewaren.
Je kunt aardappelen het beste bewaren tussen de 8 en 10°C en op een droge plek, aangezien te veel vocht uitlopers en schimmels veroorzaakt. Kies dus voor een plek waar geen daglicht komt en droog en goed geventileerd is. Leg ze dan niet naast de uien, want aardappel zullen hierdoor aan kwaliteit verliezen.
Mits koel (7-10°C), donker en geventileerd bewaard, blijven aardappelen tot zes weken goed. Soms nog langer. In de koelkast is het te koud: aardappelen drogen dan uit en worden zoetig. Je ziet dat aan (ongevaarlijke) donkere plekken ná het koken.