Te veel of te weinig gist gebruiken: Te veel gist kan leiden tot een te sterke gistsmaak, terwijl te weinig gist kan resulteren in een deeg dat niet goed rijst. Onvoldoende rijstijd: Het deeg heeft voldoende tijd nodig om te rijzen.
Als je te veel gist aan je deeg hebt toegevoegd, zal het deeg rijzen voordat de glutenstructuur goed en wel ontstaan is. Als dit gebeurt, zie je waarschijnlijk grote gaten in het kruim en een kruim die in veel gevallen afbrokkelt.
Te veel gist toevoegen kan er daadwerkelijk voor zorgen dat het deeg langzaam rijst, omdat de gist moet vechten om de beperkte hoeveelheid suiker die in het mengsel aanwezig is. Het zal ook leiden tot brood van slechte kwaliteit; zoals ingevallen broden of brood met veel blaren.
Als je te veel gist aan je deeg hebt toegevoegd, kun je het beste de temperatuur van het deeg verlagen voor de eerste rijzing . Omdat koudere omstandigheden de gistproductie vertragen, vertragen de lagere temperaturen de fermentatie van het deeg, waardoor de gluten voldoende tijd krijgen om zich te ontwikkelen.
Nog een tip: gooi de gist na 1 keer hergebruik weg. Gist is levend spul en kan muteren. Dus keer op keer hergebruiken kan ertoe leiden dat een gistmutant de overhand krijgt en dan heb je ineens een heel ander bier. Je weet niet wat je doet met een afwijkende giststam!
Gist is dan wel een eencellige schimmel, het heeft een houdbaarheidsdatum. Als je gist over de datum is, is de kans groot dat je deeg niet of bijna niet zal rijzen. Als je dus niet vaak gist gebruikt, kun je het beste kleine zakjes aanschaffen in plaats van één grote.
Gangbaar gebruik van instant gist in brood is 1,4% van het meel/bloem gewicht. Dat is 7 gram instant gist op 500 gram bloem of meel. Is je gist vers dan gebruik je 4% van het bloemgewicht. Dat is in dit voorbeeld 20 gram.
Als het deeg namelijk een goed volume heeft maar toch te kort is gerezen, kunnen de gisten in het deeg extra hard gaan werken zodra uw brooddeeg in de oven staat. Heeft uw brooddeeg te lang gerezen, dan wordt de structuur van het glutennetwerk instabiel. Ook dat heeft een groot effect op het bakresultaat.
De gistachtige smaak ontstaat meestal als je het brood te lang laat rijzen, te veel gist gebruikt of bij een te hoge temperatuur laat fermenteren. Dit recept bevat 1% gist, wat niet overdreven is.
Je moet wel de hoeveelheid gist dan aanpassen. De verhouding is 1 op 3. Met andere woorden: 1 gram gedroogde gist (of instantgist) staat gelijk aan 3 gram verse gist. Als in je recept 21 gram verse gist wordt gebruikt, dan gebruik je dus 7 gram gedroogde gist.
Gisten zijn eencellige schimmels die worden gebruikt bij het maken van bepaalde voedingsmiddelen. Ze zetten suikers om in alcohol en koolzuurgas. Deze eigenschap is nodig voor de productie van bijvoorbeeld bier, wijn en brood.
Hoe weet je of deeg goed gerezen is? Je weet dat deeg goed gerezen is als het in omvang is verdubbeld. Een goede test is om zachtjes met je vinger op het deeg te drukken. Als de indruk langzaam terugveert, is het deeg klaar voor de volgende stap.
Te weinig gist resulteert in een compact brood, terwijl te veel gist het brood een onaangename smaak kan geven. Verse gist kan een subtielere smaak geven dan droge gist, maar beiden werken goed als ze juist worden gedoseerd.
Temperatuur verlagen
Een lage temperatuur (rond de 4 - 5 graden) vertraagt of stopt de alcoholische gisting. Dit zie je bijvoorbeeld in de Asti Methode, maar ook de meeste rieslings met restzoet.
De hoeveelheid gist die je nodig hebt hangt af van verschillende factoren. Als richtlijn kun je aanhouden dat je voor 500 gram bloem ongeveer 10-15 gram verse gist nodig hebt. Bij gedroogde of instant gist is dit de helft, dus 5-7 gram. Bij een langere rijstijd kun je minder gist gebruiken.
Te veel of te weinig gist gebruiken: Te veel gist kan leiden tot een te sterke gistsmaak, terwijl te weinig gist kan resulteren in een deeg dat niet goed rijst. Onvoldoende rijstijd: Het deeg heeft voldoende tijd nodig om te rijzen. Te weinig rijstijd kan leiden tot een dicht en zwaar eindproduct.
In tegenstelling tot bakkersgist, wordt desem door de bakkers zelf gemaakt. Ook desem is een rijsmiddel met als taak het brood lekker luchtig te maken en een specifieke fris-zure geur aan het brood toe te voegen. Om desem te maken, maakt de bakker een dun beslag van meel of bloem en water en laat dat rusten.
Testen op Gisten en schimmels in de darmen
Neemt de hoeveelheid candida toe, dan kun je vervelende klachten krijgen. Gezondheidsklachten zoals diarree, een opgeblazen buik of hevige vermoeidheid kunnen wijzen op een overgroei aan candida in de darmen.
In alle gevallen geldt dat je minimaal 1 gram en maximaal 3 gram gedroogde gist per kilogram bloem moet gebruiken. Uitgedrukt in een percentage is dat dus 0,1 tot 0,3% gedroogde gist.
Buiten de koeling kan je deeg maximaal zo'n 24 uur goed houden. Op enig moment binnen die 24 uur zal deeg gaan 'overrijzen' (ontploffen/inzakken). In de koeling rijst deeg niet of nauwelijks. Je kan daardoor een lange rijpingstijd bereiken.
Doe de tarwebloem in een mengkom en voeg het benodigde zout toe. Klop het goed door en voeg dan de gistoplossing en ½ kopje water toe. Kneed het tot een deeg. Bestrijk met olie en laat het minstens 45 minuten of een uur rijzen tot het in volume is verdubbeld.
Activeer de hoeveelheid desem dat je voor het recept nodig hebt. Voorbeeld: voor een recept heb je 25% actief desem nodig. Dus voor een recept met 500 gram meel heb je dus 125 gram desem nodig. Wanneer je bijvoorbeeld 40 gram desem in je koelkast hebt dan activeer je dat met 80 gram water en 80 gram meel of bloem.
Verse gist
Het zijn samengeperste gistcellen en het lijkt qua structuur een beetje op zachte kaas, omdat er relatief veel vocht in zit. Verse gist kun je kopen bij de bakker of bij sommige supermarkten. Je moet het koel bewaren en kunt het beter niet invriezen.