Je cake zakt namelijk in door een te luchtig beslag, dat komt door het te luchtig kloppen of toevoegen van teveel rijsmiddelen. Je leest daar hier waarom een beslag te luchtig kan zijn. Een cake kan ook inzakken wanneer je de oven te vroeg opent.
Tip 7: Open de oven niet te vroeg
Als je de ovendeur te vroeg opent, kan je cake inzakken. Een cake heeft warmte nodig om te rijzen en stevig te worden. Als je de ovendeur opent, komt er koude lucht in de oven waardoor je dit proces verstoort.
Er zijn verschillende maatregelen om te voorkomen dat cakes in het midden inzakken. Zorg ervoor dat de oven volledig is voorverwarmd, open de oven niet te vaak tijdens het bakken, gebruik de juiste hoeveelheden ingrediënten, meng grondig, vermijd overmatig mixen, bak op het middelste rooster en voorkom dat de cakes te kort bakken.
Een ingezakte cake, of een exemplaar met vochtige randen of bodem: allemaal aanwijzingen die leiden naar het (te) kort laten afkoelen. De afkoeltijd is per baksel anders. Bij een cake kun je uitgaan van minimaal 30 minuten voordat je 'm aansnijdt.
Vulling zakt naar de bodem
Doe je stukjes (gedroogd) fruit, chocolade, nootjes of andere vulling in een kommetje, strooi er wat bloem overheen, roer door zodat de stukjes volledig zijn bedekt met een klein laagje bloem en voeg de vulling dan pas toe aan je beslag.
Compacte cake
Een eerste is teveel vocht, bijvoorbeeld van melk, eieren of boter. Een cake kan dan niet goed gaar worden en rijzen, dat zorgt voor een compact resultaat.
Anders kan je biscuittaart inzakken. Biscuitdeeg te lang gemixt: Mix je het biscuitdeeg te lang, dan wordt je biscuitdeeg juist te luchtig. Hierdoor lijkt de biscuittaart mooi te rijzen in de oven, maar zakt deze volledig in als je de biscuit uit de oven haalt. Mix je biscuitdeeg dus liever 10 minuten dan 20 minuten.
Een schraper: nadat je de taart globaal hebt ingesmeerd, strijk je botercrème strak met een schraper. Het is belangrijk dat de schraper hoger is dan de taart. Met een schraper kun je veel nauwkeuriger werken dan met een paletmes. Vooral als je begint met taarten afsmeren, is het dus handig om een schraper te gebruiken.
Uit elkaar vallen
Laat de taart even afkoelen in de vorm. Zo wordt het iets steviger en gaat het met aansnijden ook beter. Je kunt de hartige taart overigens ook zo lang af laten koelen tot het koud wordt.
Daarnaast moet je een cake niet te warm uit de vorm halen. Laat hem een minuut of 10 afkoelen in de vorm, zodat hij stevig kan worden. Daarna kun je hem veilig lossen.
Zorg er altijd voor dat het baksel zoveel mogelijk in het midden van de oven staat. Bak je koekjes op een bakplaat, dan plaats je deze in het midden van de oven.
De cake valt uit elkaar
Dit kan je voorkomen door de ingrediënten lang genoeg te mixen. Indien je dit niet doet, dan zullen de ingrediënten onvoldoende met elkaar vermengd zijn tot een homogene massa. Daardoor kan de cake niet goed bakken en valt hij snel uit elkaar. Om goed te mixen is een handmixer aan te raden.
Dat komt vooral door het afkoelen. Hete lucht neemt meer ruimte in beslag dan koude lucht. Dus wanneer je cakeje afkoelt, daalt de temperatuur in de luchtkamers van je cupcake. Die krimpen en dus zakt je cupcake een beetje in.
Verlaag de oventemperatuur: de warmte doet de buitenkant van de cake te snel bakken en krijgt niet de tijd om het midden te bereiken. Dek je cake af door aluminiumfolie of een bakplaat over je cake te leggen.
Waarom zakt mijn pandan cake steeds in? Dit kan komen door het te vroeg openen van de oven of door het niet ondersteboven afkoelen van de cake.
Je kunt allerlei vullingen gebruiken! Jams, gelei, curd, banketbakkersroom, ganache. Spuit gewoon een dikke ring van de frosting die je gebruikt om de taart te bekleden rond de rand van elke taartlaag.
De lijm wordt meestal gemaakt door wat water met veel poedersuiker (in een verhouding van ongeveer 1:6,5) goed te mengen. Het wordt ook weleens gemaakt met siroop of met eiwit in plaats van water.
Een drum is erg stevig en zorgt ervoor dat de taart goed en recht blijft staan. Je kunt ook een beetje botercrème onder de taart smeren zodat de taart vast plakt aan de drum en het niet snel zal verschuiven. Bij de volgende taarten die erop komen moet je er een taartkarton onder de taart doen.
Wees geduldig en voorzichtig. Geduld is een schone zaak, vooral bij bakken. Open de oven niet te vaak tijdens het bakken en laat de cake pas afkoelen in een gesloten oven. Sluit hem zelfs na het bakken nog even in de oven om plotselinge temperatuurveranderingen te voorkomen die je cake doen inzakken.
Je voorkomt het zakken van vulling door eerst de vulling even licht door de bloem te halen voordat je ze toevoegt aan het beslag. Door de bloem blijft de vulling keurig op zijn plaats zitten en heb je een cake met een mooi verdeelde vulling.
Een cake kan ook instorten doordat er te veel bakpoeder is gebruikt. De cake is daardoor te luchtig geworden, kan al die lucht niet vasthouden en stort in. Kijk in dat geval kritisch naar de verhoudingen van het recept. Ook door verkeerde verhoudingen van de eieren, vloeistof, bloem of suiker kan de cake instorten.
Daarnaast hangt het ook af van het type gerecht: voor een gebak dat moet rijzen in de oven (cake, biscuit, brood…) gebruik je best boven- en onderwarmte, omdat het gebak dan gelijkmatiger rijst en minder uitdroogt.
Het gebruik van de juiste hoeveelheid rijsmiddel, zoals bakpoeder of bakzout, zorgt voor een luchtige textuur. Terwijl ingrediënten zoals boter, eieren en melk bijdragen aan de smeuïgheid van de cake.
Zorg ervoor dat alle ingrediënten op kamertemperatuur zijn. Verwarm de oven voor op 175°C, boven- en onderwarmte. Klop in een ruime mengkom de zachte boter met de suiker en de vanillesuiker tot een licht en luchtig mengsel. Dit duurt ongeveer 10 minuten met de hand, en 5 minuten met de mixer.