Laat 25 tot 35 cm tussen de planten en 50 tot 60 tussen de rijen, zo krijgen de aardbeien genoeg licht en zon, en kun jij makkelijk plukken. Op 1 vierkante meter kun je maximum 6 planten kwijt.
Dit kan je doen bij het losmaken van de grond of vlak voordat je de plantjes in de grond zet. Houd rekening met een afstand van 15 tot 25 centimeter tussen de verschillende planten en ongeveer 50 centimeter tussen de rijen. Zo heb je voldoende ruimte om de aardbeien te plukken.
Wanneer je je aardbeien in je moestuin gaat planten, hou je ongeveer 30 cm aan tussen de planten en ongeveer 60 cm tussen de verschillende rijen. Eventueel kan je de planten reeds onderdompelen in water voordat je ze in de grond plaatst. Maak een voldoende breed plantgat en zorg ervoor dat de plant niet te diep staat.
Een aardbeiplant heeft gemiddeld drie trossen aardbeien die na elkaar bloeien. De eerste aardbeien van een tros zijn groot en verder in het seizoen worden ze steeds kleiner.
Om de meeste aardbeien te krijgen, ga je best voor een zonnige locatie met goed doorlatende grond. Kies voor gezonde, sterke aardbeiplanten en geef ze voldoende water. Verwijder regelmatig onkruid en gebruik een uitgebalanceerde meststof om een overvloedige oogst van heerlijke aardbeien te garanderen.
Per vierkante meter kan je ongeveer 9 tot 13 aardbei planten laten groeien in de volle grond. In rijen kan je ongeveer 3 tot 5 aardbei planten per strekkende meter laten groeien in de volle grond.
Enkele voorbeeldjes van niet-bevorderlijke combinatieteelt in de moestuin: Aardbeienplantjes en kolen zijn minder goede buren. De aardbeienplanten trekken witte koolvliegjes aan die erg schadelijk zijn voor koolsoorten. Deze planten zet je dus best een eindje uit elkaar in je moestuin.
Aardbeienplanten gaan niet eeuwig mee, na 2 tot 3 jaar zijn ze aan vervanging toe want de oogst neemt af en de opbrengst wordt steeds kleiner. Gelukkig zorgen ze zelf voor het nageslacht. Elke plant vormt, meestal rond eind juni of juli, meerdere uitlopers.
De opbrengst kan sterk variëren, afhankelijk van de teeltmethoden en andere factoren, zoals het weer. Dagneutrale aardbeien kunnen aanzienlijk meer opleveren dan junidragende aardbeien. Ze produceren 0,75 tot 1,25 pond per plant , of ongeveer 10.000 tot 20.000 pond per acre.
Aardbeien planten kan tussen de maanden maart en augustus, maar de beste maand is april. Aardbeien zijn zonliefhebbers, maar zet ze niet in de volle zon en zorg dat ze uit de wind staan. Zorg daarnaast voor een goede afwatering, want aardbeien houden niet van natte voeten.
Leg er een bedje van stro of DCM Castanea Coverchips onder, zo blijven de vruchten proper en droog, en is er minder kans op rotten, in een natte lente. En jij hebt minder last van onkruid. Let op voor slakken, die zijn dol op aardbeien!
Aardbeien moeten niet altijd op dezelfde plaats in de tuin of op het balkon worden geplant. Anders zal de grond daar niet meer voldoende voedingsstoffen voor de planten leveren. Zo is er ook geen goede oogst. Er moet altijd een pauze van ongeveer drie jaar tussen zitten.
Bij de bemesting van aardbeien geldt de vuistregel: een derde vóór de bloei, twee derde na de oogst. In augustus (aan het einde van de maand) is de jaarlijkse hoofdbemesting in het aardbeienbed aan de beurt, zodat de planten nog tot in de herfst krachtig groeien en nieuwe bloemuitlopers vormen voor het volgende jaar.
Zet de planten 30-45 cm uit elkaar en laat 60-90 cm tussen de rijen.
Zeewier is zoutrijk, zodat de slakken er niet over kruipen. Gedroogde tijm en scherpe hulstbladeren gestrooid rond uw plantjes geven ook een bescherming. Ook koffiedik en gemalen koffie gestrooid rond planten is zeer geschikt en kan sommige naakt- slakken zelfs doden.
Na de oogst van de eenmaal dragende aardbeien worden de buitenste bladeren rondom het hart van de plant, samen met de ranken, met een tuinschaar weggehaald. Dit geschiedt midden in de zomer, ongeveer vanaf half juli. Afwijkingen door de weersomstandigheden zijn echter altijd mogelijk.
Ongeveer 8-10 weken na het planten rijpen de eerste aardbeien. Oogst de aardbeien als ze mooi rood zijn en al een beetje zacht worden.
Aardbeien groeien op nagenoeg alle grondsoorten. Het gewas stelt wel hoge eisen aan de structuur van de grond. Een goede lucht- en waterhuishouding is erg belangrijk. De bodem moet goed doorwortelbaar zijn, terwijl de grondwaterstand 80 tot 100 cm onder maaiveld dient te liggen.
Aardbeien zijn een van de populairste vaste planten in de moestuin. En dat is heel begrijpelijk, want ze zijn super lekker, ontzettend prijzig als je ze moet kopen en het kweken van aardbeien is helemaal niet moeilijk.
Aardbeienplant water geven
De aardbeien plant vraagt regelmatig om water. Zeker bij extreme droogte. Wanneer er te weinig water wordt gegeven zal dit ten nadele zijn met betrekking tot de groei van de aardbeien. Wanneer je water gaat geven, geef dan water naast de tuinplant en niet er op.
Als er teveel meststof vrijkomt bij de wortels, verbranden ze en worden de randen van de bladeren bruin. We zien dit vaak gebeuren bij aardbeiplanten in potten als er bemeste tuinaarde wordt gebruikt óf wanneer er teveel verse mest door de grond is verwerkt.
Gebruik van aardbeiennetten. Een van de meest effectieve manieren om aardbeien te beschermen is het gebruik van speciale aardbeiennetten. Deze netten zijn ontworpen om over je aardbeienplanten te spannen, waardoor volgens geen toegang hebben tot de vruchten.
Een tomaat schijnt een stof af te scheiden waarmee hij schadelijke insecten op afstand houdt. Dat veroorzaakt ook de geur en de kleur op je handen als je het blad aanraakt. Het verhaal gaat dat komkommers daar niet tegen kunnen.
Dille is gemakkelijk zelf te zaaien. In de tuin kun je dat het beste in april- mei doen, in huis kun je dille het hele jaar door in een pot kweken. Wil je liever in je tuin zaaien, zoek dan een goede en vrij grote plek met goed doorlaatbare grond, zodat de penwortel er makkelijk in kan groeien.
Het is bekend dat knoflook tussen aardbeien de kans op grauwe schimmel vermindert. Bij het planten kunnen zowel de teentjes als de broedbolletjes uit de bloemen gebruikt worden. De tenen groeien binnen één seizoen uit tot oogstrijpe bollen. Langer duurt het bij de broedbolletjes.