Midden de jaren 80 waren de huizen dan ook zeer betaalbaar geworden. Concreet: de gemiddelde prijs van een woning in 1980 was 48.000 euro. Drie jaar later was dat nog 43.500 euro. Maar in 1989 was de gemiddelde prijs alweer gestegen naar 65.000 euro.
De gemiddelde huizenprijs in Nederland was in 1990 €73.900, terwijl het modale inkomen €19.059 was. Nu is de gemiddelde prijs opgelopen tot €335.000, terwijl het modale inkomen in Nederland €36.000 bedraagt. Dat blijkt uit data van het CBS.
In 1970 was de prijs van een huis in Nederland gemiddeld €23.578. Inmiddels leven wij in de eerste helft 2022. Op het moment van schrijven is de huizenprijs in Nederland gemiddeld €387.000 (2021).
In 1975 koste een huis gemiddeld nog maar ruim 100.000 gulden. In deze periode was het kopen van een huis interessant door een sterke inflatie van 10%. Er kon dus goedkoop geld worden geleend en het kopen van een huis was in meerdere opzichten een verstandige investering.
Midden de jaren 80 waren de huizen dan ook zeer betaalbaar geworden. Concreet: de gemiddelde prijs van een woning in 1980 was 48.000 euro. Drie jaar later was dat nog 43.500 euro. Maar in 1989 was de gemiddelde prijs alweer gestegen naar 65.000 euro.
De hypotheekrente beleefde zijn hoogtepunt in september 1981. De gemiddelde rente bedroeg toen 13.4%. De hypotheekrentes zullen ooit weer een keer gaan stijgen, dus zet de rente vooral voor een langere periode vast als je de kans hebt.
Zo'n stijging was voor het laatst te zien in februari 2000, toen waren koopwoningen ook 20,1 procent duurder dan in februari 1999. Toen was de gemiddelde transactieprijs omgerekend bijna 160.000 euro. Vorige maand lag die gemiddelde prijs op 400.000 euro - nieuwbouwhuizen zijn niet in die berekening meegenomen.
Gemiddelde huizenprijzen toen en nu
Kijken we naar de ontwikkeling van de huizenprijzen zoals gemeten door het CBS, dan zien we dat we nu op het hoogste prijspeil zitten sinds het begin van de meting in 1995. Vorig jaar was de gemiddelde transactieprijs €386.714 terwijl dit in 1995 nog €93.750 was.
De prijs was in 1945 natuurlijk wel veel vriendelijker. Een woning kostte gemiddeld veel minder dan een ton. Tegenwoordig is dat nog minder dan de prijs die je neerlegt voor een starterswoning in de stad.
De woningnood hield altijd aan, maar kende in de jaren '80 een nieuw hoogtepunt. Het tekort aan huurwoningen was sterk gegroeid en veel panden stonden lang leeg, omdat ze opgekocht waren door speculanten die eraan hoopten te verdienen. Er kwam een actieve kraakbeweging op gang.
In de jaren '60 en '70 lag de gemiddelde plafondhoogte rond hetzelfde niveau als nu, zo'n 2,60 meter tot 2,70 meter. Er is dus een golfbeweging te ontdekken als het gaat om de trend in plafondhoogte.
In 2025 is de NHG grens €450.000 en dit is dus €15.000 hoger dan in 2024. Dit betekent dat wanneer je een huis koop met een maximale waarde van €450.000 je een hypotheek met Nationale Hypotheekgarantie kunt afsluiten. Wat NHG precies inhoudt en welke voordelen dit voor je kan hebben, lees je in dit blog.
Een huis kostte in 2002 gemiddeld ruim 199.000 euro, tegen ruim 188.000 euro het jaar daarvoor. Ondanks de stijging lijkt de opgaande trend gekeerd. In de laatste drie maanden van 2002 zijn huizen in Nederland in prijs gezakt in vergelijking met het voorgaande kwartaal.
De prijs van een koopwoning is in Nederland in de afgelopen 20 jaar meer dan verdubbeld. Gemiddeld kostte een huis €231.000 in 2005, tegen €509.000 nu.
In 2008 kostte een woning gemiddeld 262.000 euro. Inmiddels ligt de gemiddelde huizenprijs op 266.000 euro. Maar de regionale verschillen zijn groot. In bijvoorbeeld de Achterhoek, een krimpgebied, kost een huis nu zo'n 226.000 euro, nog altijd ruim 7 procent lager dan in 2008.
In de periode voor de kredietcrisis maakten de prijzen de grootste procentuele stijging door over een periode van tien jaar. Tussen het eerste kwartaal van 1993 en hetzelfde kwartaal van 2003 steeg de waarde van een gemiddelde koopwoning van 82.000 euro naar 218.000 euro, goed voor een stijging van 166%.
Begin jaren 80 zakte de rente van zo'n 13% naar ruim 6%. Maar eind jaren 80 stopte deze daling. De economie werd toen geraakt door een hoge kapitaalmarktrente en politieke onzekerheid. Met als gevolg: een enorme stijging van de hypotheekrente.
De percentages spreken voor zich, in 1976 stegen de huizenprijzen met 28% en in 1977 zelfs met 39%! Als we dat vertalen naar absolute getallen kostte een huis in 1975 gemiddeld 100.000 gulden en in 1978 200.000.
De woningnood is nooit echt verdwenen. In de jaren tachtig leidde een groeiend tekort aan huurwoningen, gecombineerd met langdurige leegstand van panden in binnensteden tot een actieve kraakbeweging. De leegstaande panden waren gekocht door speculanten in de hoop er flink aan te verdienen.