Wil je een cake die niet tot nauwelijks scheurt, dan bak je de cake wat langer op een lagere temperatuur. Bij mij werkt 75 minuten op 160 graden erg goed. Maar elke oven is verschillend, dus het kan goed dat het bij jou net iets anders is.
Wanneer de hoeveelheid bloem in je recept te groot is ten opzichte van de natte ingrediënten, heb je ook meer kans dat je cake scheurt. Probeer dan eens wat minder bloem toe te voegen. Door een zachtere soort bloem te gebruiken (zoals Zeeuwse bloem) heb je ook minder kans op een gescheurde cake.
De meest aantrekkelijke eigenschap van versgebakken cake (of brood) is precies die heerlijke korst. Na verloop van tijd verdwijnt ze. Er bestaan geen wondermiddelen om ze lang te behouden. Je zou de cake eventueel kunnen instrijken met een dun laagje water en hem dan kort in een hete oven stoppen.
Een ingezakte cake kan verschillende oorzaken hebben. Je hebt de deur van de oven te snel geopend, de cake heeft niet lang genoeg gebakken, je gebruikte te veel vochtige ingrediënten,... Het belangrijkste is om tijdens het bakken de deur van de oven nooit te openen.
Je voorkomt het zakken van vulling door eerst de vulling even licht door de bloem te halen voordat je ze toevoegt aan het beslag. Door de bloem blijft de vulling keurig op zijn plaats zitten en heb je een cake met een mooi verdeelde vulling.
,,Als ik vroeger krentenbrood maakte dan haalde ik de krenten eerst door de bloem. Dit werkt natuurlijk met alles: chocolade, fruit en noten. Hierna spatel je de ingrediënten voorzichtig door het beslag. Dit laagje bloem zorgt voor extra grip, waardoor ze niet meer naar de bodem zakken." Makkelijk!
Dat komt vooral door het afkoelen. Hete lucht neemt meer ruimte in beslag dan koude lucht. Dus wanneer je cakeje afkoelt, daalt de temperatuur in de luchtkamers van je cupcake. Die krimpen en dus zakt je cupcake een beetje in.
Daarnaast hangt het ook af van het type gerecht: voor een gebak dat moet rijzen in de oven (cake, biscuit, brood…) gebruik je best boven- en onderwarmte, omdat het gebak dan gelijkmatiger rijst en minder uitdroogt.
Een ingezakte cake, of een exemplaar met vochtige randen of bodem: allemaal aanwijzingen die leiden naar het (te) kort laten afkoelen. De afkoeltijd is per baksel anders. Bij een cake kun je uitgaan van minimaal 30 minuten voordat je 'm aansnijdt.
Verlaag de oventemperatuur: de warmte doet de buitenkant van de cake te snel bakken en krijgt niet de tijd om het midden te bereiken. Dek je cake af door aluminiumfolie of een bakplaat over je cake te leggen.
Maar het allerlekkerste is een cake wanneer het een krokant korstje heeft. Wist je dat je heel eenvoudig ervoor kunt zorgen dat een cake een krokant korstje krijgt? Bestrijk de cake, voordat hij de oven in gaat, met een beetje melk voor een mooi krokant korstje. Zo simpel is het!
Stort het beslag in een ingevette en bebloemde bakvorm. Bak de cake in 60 minuten gaar op 175 °C (boven- en onderwarmte). Controleer vlak voor het einde van de baktijd of de cake gaar is met een houten satéprikker of caketester. Als de prikker schoon uit de cake komt dan is de cake gaar.
Als je cake uit de oven komt, kun je hem beter niet gelijk uit de vorm halen. Laat hem eerst een klein beetje afkoelen, zodat hij stevig kan worden. Het is echter wel belangrijk om hem niet helemaal in de vorm te laten afkoelen. De condens van de warmte blijft dan namelijk in de vorm hangen en trekt weer in je baksel.
Het midden van het deeg zal zichzelf uitrekken. Als je het midden actief uitrekt, zal het veel te veel uitrekken en zal het deeg dun worden en scheuren. Deeg is te weinig gerezen (het is niet genoeg gerezen) Deeg is te veel gerezen (het is te veel gerezen en is ingezakt)
Teveel bakpoeder zorgt ervoor dat de cake te snel rijst. ,,De cake is dan te luchtig geworden. Een te luchtige cake, stort vaak naderhand in elkaar.'' De tip is om de juiste verhoudingen te handhaven.
BAK DE CAKE
Verwarm de oven voor op een lagere temperatuur (bijvoorbeeld 140°C) voor een strakke cake zonder bult of scheur in het midden. De cake bakt het mooiste in een oven zonder sterke luchtstromen, dus liever alleen boven en onder warmte gebruiken.
Als je cake barst, was de oventemperatuur te hoog. De bovenkant van de cake was al gaar terwijl het beslag binnenin nog aan het rijzen was. Er is dan maar één uitweg voor het rijzende beslag: naar boven, waardoor de scheur in de cake ontstaat.
Compacte cake
Een eerste is teveel vocht, bijvoorbeeld van melk, eieren of boter. Een cake kan dan niet goed gaar worden en rijzen, dat zorgt voor een compact resultaat.
Zet je cakevorm op een rooster: zo kan de lucht er vlotjes rond circuleren. Op deze manier kan ook de bodem (waar er restjes zouden kunnen achterblijven) wat afkoelen. In tijdnood? Zet je cake dan even in de koelkast.
Sommige ovens doen het net beter op hetelucht, maar dat is zeker niet de regel. Als je bakt met hetelucht krijg je soms een scheve cake of een cake die op een plek harder gebakken is dan op een andere plek. Ook droogt hetelucht je gebak makkelijker uit.
Je kunt bij deze ovenstand beter geen meerdere bakplaten tegelijk in de oven zetten, want de warmte wordt dan tegengehouden door bijvoorbeeld de bakplaat of bakvorm.
Zorg er altijd voor dat het baksel zoveel mogelijk in het midden van de oven staat. Bak je koekjes op een bakplaat, dan plaats je deze in het midden van de oven.
Niet genoeg rijsmiddel: Rijsmiddelen, zoals bakpoeder of baking soda, helpen cakes te rijzen en luchtig te worden. Als er niet genoeg rijsmiddel in het recept zit, kan de cake zijn vorm niet vasthouden en kan hij uit elkaar vallen wanneer hij uit de pan wordt gehaald.
Wees geduldig en voorzichtig. Geduld is een schone zaak, vooral bij bakken. Open de oven niet te vaak tijdens het bakken en laat de cake pas afkoelen in een gesloten oven. Sluit hem zelfs na het bakken nog even in de oven om plotselinge temperatuurveranderingen te voorkomen die je cake doen inzakken.
Appels in je beslag
Stukjes appel zijn best zwaar, daardoor kan het voorkomen dat ze naar de bodem van je cakeblik zakken. Een tip om dit tegen te gaan is om de appels even in een kom te mengen met een paar eetlepels bloem. Daardoor zijn de stukjes minder vochtig en zullen ze beter in het beslag blijven hangen.