coli zijn dit bacteriën die van nature voorkomen in darmen van mensen en dieren. Daarom worden ook deze bacteriën soms wel 'poepbacteriën' genoemd.
De bacterie overleeft maanden in de bodem en weken in water.
De bacterie zit in de ontlasting van iemand die de bacterie bij zich draagt. Iemand die een infectie met STEC heeft, kan anderen besmetten via de handen. Na bezoek aan het toilet kan de bacterie op bijvoorbeeld de wc-bril, de spoelknop, de kraan of de deurklink zitten.
Om uitdroging te voorkomen, moet je namelijk genoeg blijven drinken, maar als de poepbacterie in je drinkwater zit, kan je dus niet zomaar kraanwater drinken. Naast diarree kan E. coli ook buikpijn, misselijkheid en braken veroorzaken.
Inwoners moeten komende dagen hun water koken. Alle eventuele aanwezige bacteriën gaan dan dood. Water moet drie minuten worden gekookt, voordat het drinkbaar is. Daarom kun je dit beter niet in een waterkoker of koffiezetapparaat doen.
Het besmette water kun je gewoon gebruiken voor het toilet of de douche. Wel is het dan belangrijk dat je tijdens het douchen geen water doorslikt.
Infecties die veroorzaakt worden door bacteriën kunnen worden behandeld met verschillende antibiotica. Antibiotica zijn medicijnen die bacteriën doden of de groei ervan remmen. Het komt voor dat bacteriën ongevoelig (resistent) worden voor een aantal antibiotica.
Hoe herken ik Infecties met bacteriën? Iedereen kan wel een infectie herkennen. Vaak zijn er algemene klachten als koorts, slap voelen en misselijkheid. Een infectie met bacteriën is echter niet altijd gemakkelijk te onderscheiden van infecties door virussen.
Die bacterie veroorzaakt namelijk HUS, het Hemolytisch Uremisch Syndroom. Als je deze bacterie binnenkrijgt, kan je nierfunctie achteruit gaan.
Veel bacteriesoorten die zich bij 37 graden Celsius in 20 minuten kunnen delen, doen er dan wel 10 uur over om zich te delen. Als er in voedsel één ziekteverwekkende bacterie zou zitten, zijn dat na 24 uur in de koelkast nog steeds maar 4 of 5 bacteriën, waar men echt niet ziek van wordt.
Urineweginfectie is bacteriële infectieziekte
In het geval van urineweginfecties zijn bacteriën de boosdoener. Nu kunnen verschillende bacteriën een infectie aan de urinewegen veroorzaken, maar meestal gaat het om de 'poepbacterie' E. coli (Escherichia coli). Deze bacterie dringt dan via je plasbuis je blaas binnen.
Rauw (vooral rund)vlees kan besmet zijn met E. coli. Door stukken vlees aan alle kanten goed te bakken/verhitten wordt de bacterie afgedood. Riskante producten om te consumeren zijn rauw (en niet doorbakken) gehakt, rauwe of halfdoorbakken hamburgers, filet americain, ossenworst en ander niet gaar gemalen vlees.
De meeste gevallen van diarree door microben genezen spontaan en moeten niet behandeld worden. Bij hoge koorts en bloed in de stoelgang zal je arts antibiotica overwegen. Meestal word je met antibiotica snel beter. Infecties veroorzaakt door parasieten worden altijd behandeld met medicatie.
Hoewel E. coli Escherichia coli (Escherichia coli) onder normale omstandigheden geen ziekte veroorzaakt bij de mens, is het de meest voorkomende verwekker van urineweginfecties. Bepaalde varianten kunnen ook maagdarmklachten veroorzaken, met soms ernstige bijkomende ziekteverschijnselen.
coli-variant shiga-toxine produceert, een soort gifstof die schade toebrengt aan de darmwand. Met diarree, koorts en zelfs een dikke-darmontsteking tot gevolg. Deze complicaties verdwijnen vaak na enkele dagen, al kan de poepbacterie in zeldzame gevallen niercomplicaties veroorzaken.
3800 kg poep, dat is hoeveel er gedurende je hele leven ongeveer vanuit je darmen de toiletpot in plonst. Per dag komt dat neer op een drol van ongeveer 128 gram.
Een E. coli-infectie kan leiden tot verschillende symptomen, waaronder buikpijn, diarree (soms met bloed), vermoeidheid, misselijkheid, braken en koorts. De eerste symptomen treden meestal op binnen 1 tot 10 dagen na blootstelling aan de bacterie.
Een darminfectie duurt enkele dagen tot enkele maanden. Soms gaat een infectie vanzelf over, maar in andere gevallen is een behandeling nodig, bijvoorbeeld met antibiotica. Een darminfectie kan ook enkele maanden aanhouden, zelfs zonder dat u het doorheeft.
Op nummer 1 van de lijst staat volgens de organisatie de Acinetobacter baumannii, een ziekenhuisbacterie. Vooral de luchtwegen en de longen worden aangetast door de bacterie. Maar ook salmonella, staphylociccus aureus of Neisseria gonorrhoeae komen op de lijst voor.
Bloed- of ontlastingsonderzoek
De huisarts kan bloedonderzoek of ontlastingsonderzoek doen naar antistoffen tegen de bacterie. Als er antistoffen worden aangetroffen, betekent dit dat je besmet bent met de Helicobacter pylori.
Het immuunsysteem heeft minstens twee mogelijkheden om bacteriën of virussen aan te pakken. De eerste mogelijkheid bestaat uit B-cellen die antistoffen maken. De tweede mogelijkheid bestaat uit T-cellen die zieke, geïnfecteerde cellen opruimen.
Bacteriën kunnen soms zorgen voor ontstekingen (infecties). Die gaan vaak vanzelf over, maar soms heb je medicijnen nodig (antibiotica).
De bacterie verspreidt zich via direct contact (handen) of via voorwerpen, bijvoorbeeld via het bed, het nachtkastje of het toilet, en kan daar ook goed overleven. Op deze manier kan de bacterie worden overgebracht van de ene naar de andere patiënt. De bacterie verplaatst zich niet door de lucht.