Aardappelen bewaren doe je daarom best op een koele (tussen 2 en 10 °C), donkere, droge en goed verluchte plaats (bv. kelder (kast)) in een geperforeerde papieren zak, een net of een open mand. Schud ze af en toe om. Bewaar aardappelen nooit in de koelkast.
Laat je aardappelen na de oogst drogen op een luchtige, droge en donkere plaats. Leg ze in bakken die de lucht doorlaten. Zakken zijn goed om aardappelen te vervoeren, maar minder goed om ze in te bewaren. Controleer de eerste maand een paar keer op de aanwezigheid van rotte knollen, want die steken de rest ook aan.
Was je aardappelen nooit voordat je ze opbergt. Als de grond vochtig is wanneer je ze opgraaft, spreid ze dan uit zodat ze buiten in de schaduw kunnen drogen. Onze nazomer was erg droog, dus de mijne konden direct vanuit de grond in de opslag.
Aardappels bewaren: hou ze koel en droog
Het is dus zaak om ze op een koele (tussen 4°C en 10°C) en droge plek te bewaren. Kies ook voor een donkere plaats zoals een kelder of keukenkast: op een te lichte plaats kunnen ze groen worden en de schadelijke stof solanine ontwikkelen.
Bewaar je aardappelen op een koele, donkere en vorstvrije plek. Ideaal is een temperatuur tussen 4 en 8 °C. Zorg dat je aardappelen droog blijven. Vocht versnelt het kiemproces en kan rot veroorzaken.
Je kunt voorkomen dat je aardappelen gaan kiemen door ze op een koele (niet koude, zoals je koelkast) en donkere plek te bewaren . Als je geen donkere plek hebt om je aardappelen te bewaren, kun je ze in een papieren zak doen om het licht te filteren.
'Oogst na de herfstvakantie'
"Over het algemeen is het wel zo dat aardappelen in september en oktober meer stikstof opnemen dan het vanggewas. Je kunt ze dus beter oogsten op het moment dat ze daar echt aan toe zijn, dus rond de herfstvakantie." 1 oktober zou dus ook voor stikstofopname een te vroege datum zijn.
Aardappelen moeten op een koele, droge en donkere plaats bewaard worden. Ze mogen niet aan licht worden blootgesteld, anders worden ze groen en oneetbaar. Er moet ook een goede luchtcirculatie zijn. Een kelder, mits deze niet vochtig is, of een schuur is ideaal.
Om de aardappelen (deels) kiemvrij te houden, kan je tijdens het groeiseizoen maleïnehydrazide of MH (Fazor, Itcan, Crown, Himalaya, Magna) toepassen. Zo komen de aardappelen na de oogst minder kiemlustig de schuur in.
Plaats ze op een koele, donkere, goed verluchte en droge plaats (bvb. een kelder of berging), tussen 7 en 10°C is ideaal. Heb je geen koele kelder of berging, dan kan de koelkast (de groentelade) een alternatief zijn. Het wordt aangeraden om aardappelen niet langer dan 2 weken te bewaren in de koelkast.
Bewaar ze in verse turf of gewoon in droge zakken, beschermd tegen licht en vorst , en ze blijven maanden goed. Ik blancheer ze in kleine porties, laat ze volledig afkoelen en vries ze in. Ze zijn heerlijk als aardappelpuree.
De sleutel is om aardappelen op een koele, droge plaats te bewaren, zoals in een voorraadkast, in een papieren zak of kartonnen doos . Het is belangrijk om aardappelen op de ideale, koele temperatuur te bewaren (maar, verrassend genoeg, niet in de koelkast) om te voorkomen dat ze groen worden, zachte plekken krijgen of voortijdig ontkiemen.
Je kunt aardappelen het beste bewaren tussen de 8 en 10°C en op een droge plek, aangezien te veel vocht uitlopers en schimmels veroorzaakt. Kies dus voor een plek waar geen daglicht komt en droog en goed geventileerd is. Leg ze dan niet naast de uien, want aardappel zullen hierdoor aan kwaliteit verliezen.
Bewaar aardappels in een niet te droge of te vochtige omgeving: door droogte gaan de aardappelen rimpelen, door vocht krijgen ze uitlopers en schimmel. De beste bewaartemperatuur is tussen 5 en 10 °C. Bewaar de aardappel in de zak, dat helpt vochtverlies te voorkomen.
Als de geoogste producten na het rooien droog en afgekoeld zijn tot beneden de 10°C dek je deze af met vliesdoek. Vliesdoek biedt geen bescherming tegen vorst. Hiervoor kun je aanvullende afdekmaterialen aanschaffen. Let op, Agrifirm vliesdoek van 15,75x25m is niet geschikt om aardappelen mee af te dekken.
Nieuwe, verse aardappelen kun je met schil eten. Maar liggen aardappelen al wat langer of hebben ze een groene schil of uitlopers? Dan kan de aardappel glycoalkaloïden bevatten.
September en oktober zijn de voornaamste oogstmaanden voor de bewaaraardappelen. De geoogste aardappelen gaan direct een geventileerde schuur in. In het donker en bij een temperatuur van 7°C kunnen de meeste aardappelen tot een jaar worden bewaard (bv.
Bewaartip voor dit product Bewaar aardappelen bij voorkeur op een droge, donkere en koele plek. Snijd groene plekken op aardappelen ruim weg. Als aardappelen te warm worden bewaard gaan ze uitlopen. De aardappels kun je nog eten als je de uitlopers verwijdert en het plekje eraf snijdt.
Ook zijn de vroege aardappelen minder lang te bewaren. Het is daarom verstandig om wat kleinere hoeveelheden aan te schaffen. Aardappelshop rooit bij de eerste nieuwe oogst dagelijks aardappelen, voor maximaal 1 á 2 dagen. Zo blijft de voorraad vers en kunnen de aardappelen die nog in de grond zitten even doorgroeien.
Vaak gebeurt dat in het voorjaar en afhankelijk van het aardappelras is bepaald hoe lang deze onder de grond blijven. Vroege rassen hebben een groeiperiode van 90 – 100 dagen, waar dat bij late aardappelen minimaal 150 dagen is. Hoe langer een aardappel onder de grond blijft, hoe beter deze beschermd is.
Na een paar maanden zijn de aardappelen klaar om geoogst te worden. Eind april geplante knollen kunnen al in juni geoogst worden, terwijl late soorten pas in september of oktober rijp zijn. Een duidelijk teken dat geoogst kan worden, is wanneer het loof geel of bruin en verdord is.
Oogst bij voorkeur op een droge dag. “Als je de aardappelen uit droge grond kunt oogsten, is schoonborstelen vaak genoeg. Ze kunnen dan toe met een kortere droogtijd.” Laat aardappelen na de oogst drogen op droge tuingrond of op kranten onder een afdak.
Plaats de schone aardappelen in een pot en bedek ze met koud water. Voeg zout en lavas toe. Breng de aardappelen aan de kook en laat ze 6–8 minuten sudderen, afhankelijk van hun grootte. Zet het vuur uit en laat ze 5 minuten staan.
Schil aardappels tot 24 uur van tevoren en bewaar in stukken afgedekt in water in de koelkast of – als het niet vriest – buiten! Kook ze voor het serveren in vers water met zout in 15-20 min. gaar. Van tevoren koken en weer opwarmen levert weinig tijdwinst op.