Kabouters worden in Nederland ook wel klaboutermannetje (West-Vlaams), alf, alverman(neke), auvelmannetje, auvelemenke, auverman, eviemannetje, gnoom, havermannetje, hetsemannetje (Limburg), kabaatermanneke, kobold, nachtwerkertje, til (De Peel), Blauwe Gerrit (Veluwe), witje (vrouwtjeskabouter), de zwarten en witten ( ...
VS. iemand die werkt door zijn verstand te gebruiken, maar niet met het publiek praat en niet door het publiek gekend wordt . De kabouters in het achterkamertje leggen de laatste hand aan de nieuwe software.
Straattaal valt vooral op door haar woordenschat. Een bron voor nieuwe woorden is aan de ene kant het Engels (net als bij de meeste jongerentalen); aan de andere kant zijn het allochtone minderheidstalen die in Nederland worden gesproken: vooral het Sranan Tongo, het Marokkaans Arabisch en het Turks.
Volgens nieuwssite Regio15 zou het gaan om een groep jongeren die op sociale media zou hebben afgesproken voor 'Herres op Skiffa', straattaal voor 'Scheveningen kapot maken'.
' en in 3 wordt dit 'fawaka? ' Hierop antwoord je in 1 'het gaat goed', in 2 'gwel' en in 3 'rustig …' Deze soorten van Nederlands weten wij feilloos toe te passen en zo verstaan we elkaar allemaal.” Die derde taal, straattaal, is bekend sinds 1998, toen de media zich erop begonnen te storten.
''We zijn ook straatwerkers. Ik praat bijvoorbeeld hun taal. Ik zeg niet goedemiddag maar ik zeg: fakka drerrie (straattaal voor: hoe gaat het vriend?, red.).
Ouleh wordt als antwoord gegeven aan iemand die een wens, een plan of een verwachting heeft uitgedrukt, en dan aanduidende dat hij zich met ijdele hoop vleit, in de zin van och kom / 't mocht wat! Maar het betekent ook gewoon 'zij' in het Arabisch.
ᐅ Bunda - Straattaal Woordenboek | Straatwoordenboek.nl.
Een semafoon (ook wel: bieper/pieper, pager, buzzer) is een apparaat dat kan worden gebruikt om iemand een signaal of een tekstbericht te sturen. Daarvoor is een semafoon uitgerust met één of meer telefoonnummers, die door de oproeper kunnen worden gekozen.
Een buitengewoon en raar persoon. ''Deze djalla kan niks." Dit rare persoon kan niks. Lucas Partoens is echt een djalla.
Lui, officieel Lucibert, is postbode van beroep. Na zijn kenmerkende uitspraak: "Ik word daar zo moe van." valt hij meestal direct in slaap, maar dit is niet altijd het geval.
Kabouters worden vaak verward met gnomen, niet alleen in het Nederlands maar ook in andere talen. Een kabouter is echter een huis- of bosgeest terwijl een gnoom een elementaire aardgeest is.
De meeste kabouters zijn mannelijk, maar er zijn ook vrouwelijke kabouters. Die hebben vaak een specifieke naam, zoals haspelvrouwtjes.
De verkleinvormen hebben meestal een positieve gevoelswaarde; slet, sloerie en slebba (afgeleid van slet) zijn meestal negatief bedoeld. Overigens spreken vrouwen elkaar in de jongerentaal ook geregeld aan met moppie of wijffie.
Niffo is Surinaams voor neef. De jongens scoorden hun eerste hit met het nummer Kijk daar. Het is vaak moeilijk te achterhalen waardoor zo'n semantische verandering zich voordoet. In een aantal gevallen is het duidelijk onder invloed van het Engels.
woordfeit. Fittie is straattaal voor 'ruzie' (en overigens ook voor 'lekker ding'). Het is vanuit het Surinaams, het Sranantongo, in Nederlandse straattaal terechtgekomen. Feti is Sranan voor 'ruziën, vechten'; het gaat terug op het Engelse to fight 'vechten'.
Volgens het woordenboek van Weblio betekent baka "idioot", "dwaas", "idioot" (zelfstandig naamwoord), "dom", "dom", "stom", "saai" (bijvoeglijk naamwoord). De kanji-vorm is "馬鹿" en de kana-vormen zijn "ばか" en "バカ". Over het algemeen wordt het woord baka gebruikt om iemand te beschrijven die geen gezond verstand heeft of iets doms heeft gedaan .
'. Die term komt uit het Sranantongo, letterlijk: de Surinaamse taal. In tegenstelling tot wat velen denken heeft 'fakka' dus niets met 'f*ck' te maken. 'G', ten slotte, op z'n Engels uitgesproken als de zevende letter van het alfabet, is de afkorting van 'gangster'.