Boter is afkomstig van melk, maar bevat bijna uitsluitend vetten en water. De koolhydraten, en dus de melksuikers, worden er bijna volledig uitgehaald. De meeste boter bevat slechts 1 gram koolhydraten per 100 gram en is dus voor de meeste mensen met een lactose intolerantie geen probleem.
De meeste mensen kunnen zure melkproducten zoals yoghurt, karnemelk, roomboter en/of smeerkaas bijvoorbeeld nog wel verdragen. De voorwaarde daarbij is dat u er niet te veel van neemt. Maar het kan zijn dat u toch nog klachten houdt als u de hoeveelheid lactose in uw voeding beperkt.
Er zijn verschillende methoden om roomboter lactosevrij te maken. De eerste optie is het fermenteren van de room met behulp van lactase-enzymen. Deze enzymen breken de lactose af tot eenvoudige suikers, waardoor de roomboter lactosevrij wordt. De tweede optie is boter maken van sojaolie en water.
Geklaarde boter bevat daarnaast geen lactose meer en is daarom geschikt voor mensen met een koemelkallergie of lactose-intolerantie. Ook blijft deze pure boter een stuk langer goed dan normale boter.
Roomboter, melk, naturel yoghurt of kwark, room, verse kaas zoals ricotta, mascarpone, mozzarella, Parmezaanse kaas, Nederlandse harde kazen van koe, geit of schaap zijn glutenvrij.
Vla, pap, pudding, mousse, bavarois, room- en yoghurtijs; (Slag)room, zure room, crème fraîche, koffieroom en koffiemelk; Roomboter, sommige soorten halvarine, margarine en bak- en braadvet; Probiotica-dranken, zoals Yakult®, Actimel® en dergelijke.
Eet een keer in de week vis en dan bij voorkeur vette vis. Neem enkele porties zuivel per dag, waaronder melk of yoghurt. Drink dagelijks 1,5 tot 2 liter water. Vervang boter, harde margarine door zachte margarine, vloeibare bak-en braadvet en plantaardige oliën.
Veel broodsoorten bevatten geen lactose. Vaak vereisen basisbroodrecepten alleen ingrediënten als bloem, water, gist en zout. Met andere woorden; geen zuivelproducten. Dit geldt voor traditionele broden, maar ook voor populaire broodsoorten zoals wit, bruin, rogge, zuurdesem en volkoren.
Becel Light en Becel Original zijn nu ook verkrijgbaar in een doos van 100 porties van 10 gram. Becel Original is een margarine met een laag vetgehalte van 60% gemaakt met een mix van plantaardige oliën. Dit product is rijk aan Omega 3, veganistisch en lactosevrij.
Boter bestaat voor ruim 80% uit het vet van de melk. Melk van de koe bevat ruim 4% vet waardoor voor iedere kilogram boter circa 25 liter melk nodig is. Er zijn verschillende methodes om boter te maken, machinaal en handmatig.
Kazen. Bij de productie van kaas wordt melk (en dus lactose) gebruikt. Toch zal er in kazen die lang hebben gerijpt (bijna) geen lactose meer aanwezig zijn. Dit zit zo: lactose wordt tijdens de rijping van de kaas afgebroken door het toegevoegde zuursel.
Het is mogelijk om het lactosegehalte van boter nog verder te verlagen door er geklaarde boter, ook wel ghee genoemd, van te maken . Geklaarde boter is bijna puur botervet dat ontstaat door boter te smelten totdat het vet zich scheidt van het water en de andere melkbestanddelen. De melkbestanddelen worden vervolgens verwijderd.
Meestal krijg je 1 à 2 uur na een maaltijd met lactose klachten. Hoeveel last je hebt, hangt af van je gevoeligheid voor lactose en van de hoeveelheid lactose die je gegeten hebt.
Melk van koeien, geiten en schapen bevat de hoogste hoeveelheid lactose van alle zuivelproducten. Een portie van 250 ml koe-, geiten- of schapenmelk bevat ongeveer 13 g lactose.
Hoeveel lactose zit er in boter? Het grootste deel van de lactose in boter wordt verwijderd tijdens het productieproces, dus over het algemeen bevat boter ongeveer 0,1 gram lactose per 100 gram. Zoals gezegd wordt het gemaakt van room, die wordt gemaakt door het vette gedeelte van volle melk te scheiden.
Voedingsmiddelen die mogelijk triggerend kunnen werken en klachten kunnen veroorzaken zijn bijvoorbeeld: ui, knoflook, bonen, peulvruchten, bloemkool en spruitjes. Er is ook fruit zoals appels, peren en gedroogd fruit, dat zeer rijk is aan fructose en bij sommige mensen klachten kan uitlokken.
Beweging is goed voor de darmwerking. Gebruik voldoende vezels, deze helpen mee aan een goede stoelgang. Vezels zitten in groenten, fruit, (volkoren) brood- en graanproducten, aardappelen, volkoren pasta, zilvervliesrijst en peulvruchten. Drink voldoende, zeker bij een vezelrijke voeding.
De lactose komt dan onverteerd in de dikke darm terecht. De daar aanwezige darmbacteriën 'vallen de lactose aan'. Hierdoor kunnen klachten ontstaan, zoals buikpijn, krampen, (ernstige) diarree, winderigheid en een opgeblazen gevoel.
Het hangt allemaal af van het recept, de bakker of het merk dat het brood maakt, maar vaak bevatten ze wel een vorm van zuivel en dus lactose. Als de gewone zuivel is vervangen door een lactosevrije variant, is het brood lactosevrij .
Goed nieuws voor mensen met een lactose intolerantie of koemelkallergie! Ben jij lactose intolerant of heb je een koemelkallergie? Dan hebben we goed nieuws voor je! Ook jij kan namelijk gewoon geklaarde boter gebruiken.
Naast kokosolie kun je ook andere oliën gebruiken, zoals plantaardige olie of koolzaadolie. Olijfolie is geschikt voor sommige bakproducten, maar kan een subtiele smaak hebben. Je kunt 1 kopje boter vervangen door ¾ kopje (geen kokosolie) .
Dit keer: roomboter of margarine? Als het aan het Voedingscentrum ligt, smeren we bij voorkeur zachte margarine op ons brood. Boter bevat meer verzadigd vet dan margarine. En verzadigd vet vervangen door onverzadigd vet kan het risico op hart- en vaatziektes verkleinen, zo stellen ze.
Zaadoliën zoals koolzaadolie, sojaolie, zonnebloemolie en saffloerolie bevatten veel minder verzadigd vet en meer onverzadigd vet dan boter. Hetzelfde geldt voor olijfolie en avocado-olie, die vaak in smeersels worden gebruikt, maar geen zaadoliën zijn.